Matteus 12:8

Lezen Mat 12: 1 – 21
Tekst Mat 12: 8

 

Gemeente van de Heer Jezus Christus, 

Je eerste reactie op die farizeeën is er een van: belachelijk. Een beetje koren plukken, wrijven tussen je handen en dan opeten… Wat is daar nu tegen. Wat een muggenzifterij om daar moeilijk over te doen. Dan moet je wel een farizeeër zijn.

En meteen komen er bij mij parallellen op met niet breien en haken op zondag, niet fietsen, en zeker niet schaatsen etc. Nee, gelukkig doen we niet meer zo moeilijk… 

Iemand zegt: al die regels, dan ben je een farizeeër. 

En als je, zoals ik, in je eigen huis bepaalde regels wilt laten gelden, met name over de besteding van de  zondag, dan kun je dat verwijt al snel verwachten. 

Farizees, dat u er telkens op hamert om op die dag geen huiswerk te maken. 

 

Als je zo reageert, en de meesten van ons zullen in elk geval op de gelezen geschiedenis een beetje zo reageren, dan bewijs je twee dingen: je hebt een bepaalde, onuitgesproken kijk op het gebod van de Heer over de sabbat. 

En je hebt een bepaalde kijk op de farizeeën. En over beide komen we in deze preek te spreken. En anders wel straks in de bespreking van de preek.

 

Ik wil het maar in twee punten doen vanmorgen. 

 

Over vers 8. 

De Mensenzoon is heer en meester over de sabbat:

1Hij is de Heer van de dag

2Het is de dag van de Heer

 

 

De Heer zet de farizeeën op hun nummer, zo zou je kunnen denken. Wat een onzin die geboden. 

Maar als je goed leest in deze geschiedenis zie je dat de Heer de geboden zelf nergens bekritiseert. Hij zegt niet dat die geboden nergens op slaan. Hij zegt niet dat ze te streng zijn of te willekeurig. 

Nee, Hij verklaart het andere gedrag van zijn leerlingen en van hemzelf uit zijn eigen persoon. 

Wie is Jezus: de Heer en meester over de sabbat. 

Juist dat overtreden van het gebod is bijzonder.  Want Hij overtreedt het echt.

Het maakt dat Hij aandacht trekt. Dat Hij daarmee een claim uitspreekt: Heer en meester. Het gaat om zijn persoon.

 

We lopen even mee. Jezus loopt op een sabbat door de korenvelden. Wat is dat voor wandeling? Een sabbatswandelingetje? Nee, dat zou er anders uitzien. 

Dan zouden de leerlingen ook geen honger krijgen. Ja, stevige trek kun je krijgen op een wandeling. Maar een wandelingetje zal dan toch al gauw weer thuis uitkomen. Of iemand trekt de picknickmand open. Prima manier om je zondagmiddag door te komen. Wie heeft daar nu moeite mee… 

Maar hier racen ze maar door. Buiten de steden en dorpen, door de velden, dan geeft het minder aanstoot, en ook minder vertraging door volksmassa’s. Want er wordt gewoon stevig doorgereisd. 

En dan zitten ze tenslotte bij het wegrestaurant of de Mac Donald. (Ik zeg het maar even in de beelden van onze eigen tijd.) 

Ze gaan onder het lopen oogsten en dorsen. En eten. Want ze zijn te druk en te gehaast om te stoppen en al helemaal te druk en te gehaast voor de sabbatsrust… Wat is hier aan de hand? 

 

De farizeeën hebben er een mening over. 

De farizeeën staat er. Ze treden niet meer als een individuele farizeeër of een paar farizeeën op. 

Het is een groep, men treedt als een man op. En het loopt ook uit op een gezamenlijk besluit om Jezus uit de weg te ruimen. De krachten worden gebundeld voor een moordcomplot. Sabbat of geen sabbat. 

 

De farizeeën zitten namelijk op een bepaalde manier achter Jezus aan. Er moet iets gedaan worden aan de razende populariteit van deze man. Een valse profeet moet je ontmaskeren door te laten zien dat hij zich niet houdt aan Mozes en de profeten. Ze beginnen in deze geschiedenis met een waarschuwing. Een officiële gele kaart van de religieuze politie. Kijk, uw leerlingen doen iets dat op sabbat niet mag….

Als u een rabbi bent met leerlingen, dan mag u die leerlingen wel eens wat beter onderwijs in de wet geven. We spreken u officieel aan op hun gedrag. 

 

En Jezus reageert niet met: Maar dat mag best… Geen enkel probleem, een beetje koren tussen je handen fijn wrijven en opeten. Waar doen jullie moeilijk over…

Nee, de Here gaat op zoek naar een Bijbelse parallel. En dat is een parallel van eeuwen geleden. Toen David ook zo’n haast had. Hij was op de vlucht voor Saul. 

En voor de priester leek het dat hij op een dienstreis was in dienst van de koning. 

Het moet sabbat zijn geweest, want dat is de dag waarop de toonbroden werden gewisseld. Dat is de dag waarop de priesters het brood van de afgelopen week mogen eten. 

En toen gaf de priester hem en zijn mannen zomaar dat afgeschreven toonbrood uit het heiligdom.

Het werk van de door God gezalfde koning, daar zetten de priesters het brood voor in dat heilig is en eigenlijk alleen voor de priesters is. David heeft een taak in dienst van de koning, en daarom mag hij met zijn legeer gebruik maken van deze toonbroden. 

 

Nee, Jezus houdt zich niet aan het gebod, en zijn mannen ook niet. En dat is niet omdat het gebod belachelijk zou zijn. Dat is omdat Hij belangrijk is en op een missie is. 

Heer en meester over de sabbat.

 

En dat komt ook uit in het tweede voorbeeld: de priesterdienst, dat is een heel werk. Maar dat ligt bepaald niet stil op sabbat. Dat vindt dan juist zijn hoogtepunt. Een drukte van belang voor de dienstdoende priesters. 

Boven het sabbatsgebod staat de priesterdienst in de tempel zelf. Boven de regels over het toonbrood staat de Heer zelf. Ik zeg u: hier gaat het om meer dan de tempel. Ik ben meer dan de tempel… Ik ben de vervulling van de tempeldienst die doorging op sabbat. Ik ben bezig met de vervulling van de ultieme dienst aan God. Logisch dat ik doorwerk. Als de priester dat al elke week op sabbat doet, dan toch zeker de gezalfde van de Heer. De mensenzoon. 

 

Dit is de dag van de bevrijding. De dag van de uitleiding uit de gevangenis. Dit is de dag waarop God ingrijpt. Logisch dat ik, de verlosser, werk.

 

Hij is alle dagen Heer en meester in ons leven. Maar op die dag van de Heer moet dat in alles blijken. Hij is de Heer van die dag. 

 

De farizeeën dachten God te eren. Maar God eren kan niet buiten de erkenning van Christus om. En Hem erkennen ze niet. In hem moeten ze de Heer van de sabbat herkennen. Meer dan de sabbat, meer dan de tempel. Er is maar een conclusie mogelijk. Je hebt in Jezus met God te maken. 

Davids mannen aten toonbrood, omdat ze de gezalfde heer dienden. Zo eten de leerlingen wat ze op sabbat hebben klaargemaakt. 

 

In Hem is God in barmhartigheid op de aarde neergedaald. De keurige dienst aan God heeft zijn waarde. Maar vooral als je via die keurige dienst aan God de Here God zelf wilt ontvangen. En daar ontbreekt het hier aan. Gods barmhartigheid, zijn ontferming is te zien in die vrije dag die Hij zijn volk geeft. Die barmhartigheid is te zien in de offerdienst in de tempel: God is een vergevend God. Maar het meest is de ontferming ons in Christus geopenbaard. Ontferming wil ik en geen offerande. Barmhartigheid wil ik geen offers.

 

Is deze Heer, de Heer die komt als de barmhartige, de Heer van jouw sabbat? De Heer van jouw zondag?  Want laten we die stap maar even zetten. De kerk viert al vanaf de eerste eeuw de dag van de opstanding van Christus als de dag van de Heer. 

 

En wij ervaren nog steeds een dag van de week als bijzonder, van God gegeven voor de rust en verkondiging en viering van Gods grote daden. Is Jezus er in jouw leven de Heer van? Van die dag? Niet maar een van de personen die even op zondag aan het woord kunnen komen, tussen alle sportverslaggevers, nieuwslezers en quizmasters door… Maar echt de Heer van die dag? Beheerst Hij die dag? Hij is de Heer en Hij roept ons op om bij elkaar te komen om zijn dood te verkondigen in het avondmaal. Om samen de blijde boodschap te horen en te laten horen aan de wereld om ons heen. Om in onze erediensten samen een publiek getuigenis te geven dat Hij onze Heer is. De Heer van ons leven en daarom heel centraal de Heer van onze rustdag. 

Daar gaat een getuigenis van uit. Dat je samen komt. Dat je niet verstek laat gaan. Daarmee geef je ook missionair een signaal af. Het is je de moeite waard om er je bed voor uit te komen. De moeite waard om ’s middags nog een keer de jas aan te trekken. Want Hij is de Heer. De stem van deze goede Herder klinkt. En de schapen herkennen het.

 

Goed, tweede punt: Hij is de Heer en meester van de Sabbat.

De Here is de Heer van de dag. 

De Sabbat is de dag van de Heer, dat is het tweede.

 

Hij is de Heer. Hij geneest ook de man met de verschrompelde hand. Op sabbat. 

Kan dat niet wachten tot morgen? Moet de genezer werken op zondag? Dat kan toch morgen ook wel, geen spoedgeval. 

Kunnen de farizeeën Jezus pakken op dwaalleer? De joden vinden dat je op de sabbat bepaalde dingen wel mag en andere dingen niet. Je vee van de dood redden mag. Maar is dit hiermee te vergelijken? 

 

Jezus gaat in zijn spreken rondom de genezing ook verder dan het woord genezen. We mogen op sabbat goed doen. Een heel intens woord. En zeker Jezus mag dat doen. Het is niet alleen het genezen van deze hand. Het is het algeheel herstel van de kapotte schepping waar Hij voor gekomen is. 

 

En Hij commandeert de man genezen. Geen uitvoerige, inspannende zenuwoperatie die morgen ook wel kon. Waar in onze tijd wachtlijsten voor zouden bestaan. 

Maar een enkel woord dat je moet geloven. Een commando dat helemaal niet kan: steek je hand uit. Verkondiging van de bevrijding, deze sabbat. En de man doet het, hij steekt zijn hand uit,  en het kan. Een wonder. En een teken dat Jezus de Heer is.  

 

Zoals een boer zijn schaap redt, zo redt Jezus deze man. Dat is de parallel die Jezus trekt…

Is die man dan net zo Jezus eigendom als een schaap het eigendom is van de boer? 

Ja, als je Hem op zijn Woord gelooft, ben je van Hem, zijn eigendom, zegt de catechismus. Zondag 1: in l3evenen sterven van Hem. Ben je een schaap van zijn kudde. En Hij bewaart je, redt je, zelfs op sabbat. Juist op sabbat wordt ons dat verteld, verkondigd, ingepeperd. Op de dag van de Hdeer luister je naar de stwem van de Heer. Zoals een knecht let op zijns Heren wenken… Gelegen of ongelegen. Spreek Heer, uw knecht hoort. 

 

Ja, zo is het. Hij is de Heer. En dat laat Hij zien op de sabbat in zijn commando. Hij commandeert deze verlamming de wereld uit. 

 

En juist op sabbat doet Hij goed. Laat Hij zien waar Hij voor gekomen is, het kwaad weg te commanderen. Hij laat zien dat Hij de eigenaar is. Dat je juist op die bijzondere dag van de week bij Hem moet zijn. Hij die zijn Woord van redding en behoud laat horen. De schapen herkennen zijn stem. Je moet je voegen in zijn kudde. Hij is de Heer van de sabbat. En daarom is de sabbat de dag van de Heer. 

 

We zoeken Hem op. Dit is de dag bij uitstek waarop Hij zijn reddingwerk aan je doet. Hij laat het evangelie van de vrijspraak horen. Hij laat waarschuwende woorden horen aan wie hem niet wil geloven. Zijn Woord klinkt en er moet antwoord komen. Antwoord: strek je hand uit… En er is nieuw leven. 

Er moet geloof komen… Of ongeloof die reactis is ook mogelijk: kijk, de sabbat wordt ontheiligd voor een moordplan… 

 

Jezus gaat het lijden tegemoet. We leven in de lijdensweken. Het lijden gaat komen, om al deze commando’s van redding mogelijk te maken. Om het meer te laten zijn dan incidenten, maar dat ze teken zijn van het algeheel herstel dat Jezus brengt. Het lijden komt. En het is nodig. 

 

Maar eerst wijkt Hij uit. Hij wil zelf de regie houden. Hij is de Heer. Ook als het gaat om dat einde dat ze Hem willen bereiden. Hij kiest het moment. 

 

En dan gaan in Matteus ook de schriften open en wordt Jesaja 42 aangehaald. De Here Jezus onttrekt zich aan de twistgesprekken. Hij zoekt niet de publiciteit met zijn genezingen. Hij heeft een boodschap, die om geloof vraagt.

 

Het geknakte riet, de kwijnende vlam… 

 

Hij zal niet worden geholpen door de farizeeën. Het licht van de wet waarbij zij leven is een kwijnend licht, een walmende vlam. Hun wetsgetrouwheid loopt zomaar uit op moordplannen. 

Hij kan niet steunen op deze lieden. Het riet, als wandelstok in gebruik, is geknakt. E zou denken, als Jezus ergens aansluiting kan vinden dan toch wel bij de wetsgetrouwe farizeers. Maar wat stellen ze teleur. Aanklachten, een moordplan. 

Maar Hij rekent nog niet met ze af. Hij heeft nog tijd. Hij geeft nog tijd. Er is nog hoop voor de volken. 

 

Jezus gaat zijn werk af maken. Het is sabbatswerk bij uitstek. 

 

De dag van de Heer… Johannes noemt in zijn Openbaring de eerste dag van de week zo. De dag van de Heer. Dat is bij uitstek de dag van “Het is volbracht”. De dag van de opstanding. De dag van de redding die Hij uitdeelt. Die dag bepaalt heel de week, heel het leven. We mogen al onze dagen richten naar deze ene: de dag waarop Jezus commando om te genezen klonk. De dag waarop zijn beloften klinken en blijven klinken. Het recht overwint, dankzij Hem. Alle volken mogen hoop hebben. Jesaja had het al beloofd. 

 

En eenmaal komt de grote dag des Heren. De dag van eeuwige rust en vrede. 

Vandaag zijn we bijeen om daar voor te oefenen, als iedere zondag. Iets van de nieuwe vrede en rust met elkaar beleven. Om te leren luisteren naar de stem van de Heer. Om zijn dag te vieren.  

Volgende week ook met het Avondmaal: de voorsmaak van de bruiloft van het Lam.

 

Met uitzicht op de eeuwige sabbat. 

 

Zullen we zuinig zijn op deze dag? Deze dag dag van de Heer laten zijn: luisteren naar zijn stem… Bijeenzijn tot zijn lof. Om zijn naam publiek te belijden en aan te roepen. Om Hem als Heer te erkennen?

 

Amen

Ds. Kees van Dijk

Vanaf eind 2003 tot begin 2014 is ds. Kees van Dijk predikant geweest bij onze zustergemeente van Capelle-Noord. De preken die in die periode door hem zijn gehouden staan hier als naslagwerk. Wilt u een van deze preken gebruiken, neem dan contact op met de dominee.

Website: ommen-no.gkv.nl/
terug naar boven