Johannes 2: 1 - 11

Preek over Johannes 2: 1 - 11
Lezen Johannes 1: 35 - 2: 12
Capelle aan den IJssel, 2 februari 2014
C. van Dijk

Ps 146: 1 en 3 (1= schoolpsalm)
wet
Ps 146: 7 en 8
Lezen Joh 1: 35 - 2: 12
Ps 81: 1, 2, 8
Tekst: Joh 2: 1 - 11
Preek

De les van het eerste wonderteken van Jezus voor zijn leerlingen, de overgang van Johannes de Doper naar Jezus
Jezus is anders dan Johannes de Doper
Jezus sluit aan bij Johannes de Doper
Jezus overtreft Johannes de Doper
Ps 101: 5
gebed
collecte
Ps 52: 5 en 6

Gemeente van Christus,

Het feest viel bijna in het water. Maar het water werd wijn. Het feest is gered. Dat is het eerste wonderteken van Jezus Christus. Daarmee begint het. Prachtig verhaal.

Een bruiloft. Feest. Met alles erop en eraan. Muziek en dans, eten en drinken in overvloed. Een bruid en een bruidegom, het hele dorp loopt uit.
Je ziet het voor je, deze boerenbruiloft, dorpsbruiloft in Kana.

Jezus laat er zijn grootheid zien. Is dat ook voor iedereen zichtbaar? Het eerste wonderteken, begin van zijn tekenen, lazen we. Kunnen we het teken lezen, begrijpen? Een teken heeft een betekenis. Het verwijst naar iets. Het zijn zijn leerlingen die het zien. Die er versterking in hun geloof door ontvangen.

We willen vanmorgen proberen dit teken te ontcijferen. Daarvoor moeten we het lezen in het verband waarin het staat.

De Here Jezus heeft in het vorige deel vijf of zes leerlingen gekregen. Twee van hen zijn rechtstreeks afkomstig van Johannes de Doper. Ze maken als het ware de overgang van Johannes naar Jezus. Johannes had de Here Jezus aangewezen als het Lam van God, dat de zonden van de wereld wegneemt. En nu zijn ze bij Jezus. Maar hoe krijgen ze vertrouwen, geloof in Jezus Christus?

Thema:
de les van het eerste wonderteken van Jezus voor zijn leerlingen, de overgang van Johannes de Doper naar Jezus
Jezus is anders dan Johannes de Doper
Jezus sluit aan bij Johannes de Doper
Jezus overtreft Johannes de Doper

Jezus gaat naar een bruiloft. Maria, de moeder van de Here Jezus was er uitgenodigd. En ook Jezus was er en de vijf of zes leerlingen die Hij in het voorafgaande heeft gekregen. Opvallend dat ze hier voor het eerst leerlingen, discipelen worden genoemd. Jezus zie je hier voor het eerst optreden als rabbi met leerlingen.

En Hij gaat naar een bruiloft. Dat klinkt heel gewoon.
Maar hier is wel het begin van het officiële optreden van de Here Jezus. Hij komt er maar niet particulier op bezoek. Nee, Hij komt er als een rabbi met zijn leerlingen.
En dat moet voor een aantal van die leerlingen vreemd zijn geweest. Want deze mannen van het eerste uur hadden een tijdlang opgetrokken met Johannes de Doper.
Het hoofdstuk begint met "Op de derde dag". Dat betekent: twee dagen nadat Hij zijn leerlingen had geroepen. Meteen daarop. Hier begint het werk van Jezus.
De eerste leerlingen van de Here Jezus, die waren volgelingen van Johannes de Doper geweest. En het is logisch dat ze hun nieuwe leermeester met de oude vergelijken.
Kijk maar in 1,35: Johannes de Doper ontmoet Jezus. Johannes heeft twee leerlingen bij zich – Jezus had toen nog geen leerlingen – en toen zei Johannes: 'daar is het lam van God', (36). En Johannes' leerlingen horen hem dat zeggen, en vanaf dat moment volgen ze Jezus, (37).

Johannes de Doper is de gaande man, hij staat op het punt te vertrekken, Jezus is de komende. Johannes had het al gezegd: 'Hij moet groeien ik moet minder worden'. Johannes gaat en Jezus komt. En die oud-leerlingen van die bijzondere Johannes de Doper hadden natuurlijk grote verwachtingen gehad van Johannes de Doper. Johannes de Doper was een bijzonder man. Hij leefde in de woestijn, doopte met water en preekte een leven van boete: 'bekeer je want het koninkrijk der hemelen komt eraan'. De Israëlieten moesten een diep besef krijgen dat zonde tussen God en hen instond. En de kinderen van Israël moesten weer vast gaan geloven dat de beloften van God nog steeds golden.

Maar deze Jezus, wie is Hij?, dat zullen de leerlingen zich afgevraagd hebben. Johannes de Doper heeft Jezus aangewezen als het lam van God; maar wie is Hij?
Zo kunt u zich wel voorstellen dat in de eerste tijd dat ze nog met Jezus meegaan Johannes en Jezus voortdurend hebben vergeleken. En zo staan ook de eerste hoofdstukken van het evangelie van Johannes in dat licht: wie is Jezus als je Hem vergelijkt met Johannes?

En de eerste boodschap is nu: Jezus is anders dan Johannes de Doper.
Want Johannes zou nooit naar een bruiloft zijn gegaan. En hij zou ook nooit zich in hebben gelaten met de wijnvoorraad. Johannes heeft zijn leven lang geen druppel drank aangeraakt.
Jezus gaat naar een bruiloft. Wat vreemd is dat voor de leerlingen van Johannes. Later vergelijkt de Here Jezus een keer Johannes de Doper met Zichzelf. Hij zegt: eerst speelden de kinderen op het plein begrafenisliedjes, maar jullie wilden niet meedoen. Daarmee tekent Hij dan de sfeer die om Johannes hing. Begrafenisliedjes. Droefheid om je zonde. Boete. En zegt de Here Jezus dan ook: later speelden we bruiloftsliedjes, (en dan bedoeld Hij zijn eigen optreden) en weer wilden jullie niet meedoen.

Het zal moeilijk en onwennig zijn geweest voor die leerlingen om dit mee te maken. Maar ze zijn Jezus gaan volgen. En zoals ze met Johannes voortdurend op de rand van de woestijn leefden, zo zijn ze met Jezus op de bruiloft.
Johannes, heeft hij zichzelf ook niet de vriend van de bruidegom genoemd? Maar wie de bruid heeft is de bruidegom: Jezus is de komende man, Johannes stapt in de coulissen. Jezus moet je volgen.

Jezus is anders dan Johannes de Doper, dat is het eerste dat opvalt.

Maar Jezus sluit ook aan bij Johannes de Doper. Dat is het tweede punt. Er is ook een duidelijk doorlopende lijn van Johannes de Doper naar Jezus.

Moet je maar eens kijken wat er op de plattelandsbruiloft gebeurt. De moeder van de Here Jezus merkt dat er een probleem is: de wijn raakt op. Wat een gezichtsverlies: als je als bruidegom je gasten niet meer feestelijk kunt onthalen. Maria heeft het gehoord en ze gaat naar Jezus toe. "Ze hebben geen wijn meer", zegt ze. Ze vraagt niets, ze deelt het mee aan haar Zoon. Ze heeft blijkbaar de verwachting dat de Here Jezus daar wel raad op weet.

Misschien voelde ze zich wat verantwoordelijk tegenover het bruidspaar, en dacht ze door een wonder van de Here Jezus het probleem op te kunnen lossen. In ieder geval verwacht ze iets van Jezus: 'ze hebben geen wijn meer'. Maria vraagt niet iets concreet aan haar zoon. Ze zegt niet: 'maak er wat wijn bij'. Ze is bezorgd. Misschien ziet ze een gelegenheid voor Jezus om zich in het openbaar te presenteren.
Maar Jezus' reactie schrikt ons af. Is dit niet brutaal? Is het een botte weigering om te doen wat zijn moeder vraagt? Of een scherpe terechtwijzing? "Wat wilt u van me?'
Ik denk dat de woorden van Jezus ons storen omdat Hij zo tegen zijn moeder praat. Het is toch zijn moeder, waarom dan deze woorden? Het is niet eenvoudig om een afdoend antwoord op deze vraag te krijgen.
Als je het hele stuk leest, en je leest vs 12 erbij dan zie je een verandering. In 2,1 gaat de moeder van Jezus nog voorop: 'er was een bruiloft en de moeder van Jezus was daar, en ook Jezus en zijn discipelen waren uitgenodigd'. Maar als je dan doorleest in vs 12 wordt de volgorde door Johannes omgedraaid. Dan staat niet Maria maar Jezus eerst genoemd. De rollen zijn omgedraaid, Maria heeft moeten leren dat zij ook haar zoon als haar Heer moest erkennen. Zij heeft – en hoe moeilijk zal dat geweest zijn – wat afstand moeten nemen van haar moedergevoelens. Zij zal haar zoon als haar Verlosser moeten erkennen. En niet als iemand die wonderen doet. De vriendelijke maar duidelijke woorden van Jezus wijzen Maria op haar plaats. Jezus wil allereerst naar zijn Vader, God in de hemel luisteren.

En dan hebben we die tweede moeilijke uitspraak. 'Mijn tijd is nog niet gekomen.' (vs 4) Betekent het nu dat Jezus op het goede ogenblik wacht om het wonder te doen? Of betekent het dat Jezus zegt dat het moment van zijn sterven nog niet is gekomen? Gaat het nu om het moment van het wonder of het moment van het sterven? Als je kijkt op de andere plaatsen – iets wat altijd aan te raden als je vragen hebt over de betekenis van een tekst –. Als je op andere plaatsen in het Johannes-evangelie kijkt, zie je dat Jezus deze woorden gebruikt om er het moment van sterven mee aan te duiden.

Hij zegt tegen zijn moeder Maria, dat het nu nog niet de tijd is dat Hij zijn Messiaanse glorie helemaal zal openbaren. Ook al gaat Hij zo meteen een wonder doen, het moment waarop helemaal duidelijk gaat worden waarvoor Hij gekomen is, dat moment moet nog komen. Dat moment bepaalt zijn Vader. Zijn uur waarop Hij zich als de Messias voor de wereld openbaart is nog niet gekomen.

En dan doet Maria iets heel moois. Ze gaat naar de bedienden en zegt hen op Jezus te letten, 'doe maar wat hij jullie zegt, wat het ook is'.
Ze vertrouwt erop dat Jezus iets geweldigs gaat doen. En ze bereidt dat voor, door de bedienden erop voor te bereiden. Misschien denk je: 'Maria is een drammer'. Als Jezus haar op haar plek gezet heeft, waarom gaat ze nu dan toch door? Nee, ik denk dat ze hier al minder als moeder en meer als gelovige vrouw reageert. Het gaat er niet meer om dat ze haar zoon kan showen aan de rest van de gasten. Ze beseft dat het anders zal gaan lopen als zij wilde.

En inderdaad: het gaat anders lopen. Als je het verder leest, krijg je het gevoel dat Jezus achter de coulissen is verdwenen. Geen wonder op het podium. Hij is naar de keuken of zoiets gegaan. Jezus is nadat Hij onder de gasten was, naar de ruimte gegaan waar de bedienden ook waren.
En daar stonden al de watervaten die gebruikt werden voor het reinigingsgebruik. De Joden konden alleen koosjer eten door hun handen heel goed te wassen. Net als je handen moet wassen voor je aan tafel gaat, alleen toen was het veel uitgebreider. Niet alleen je handen, maar ook de voeten en de plaats waar gegeten werd moest schoongemaakt worden. En zo'n vat had een inhoud van twee of drie metreten, één metreet is ongeveer 40 liter. En als je dat dus uitrekent kom je op een kleine 600 liter. En die enorme vaten moeten helemaal gevuld worden met water. Dat was een enorme hoeveelheid water. En dat hebben de bedienden gedaan en toen dat klaar was hebben ze het naar de ceremoniemeester gebracht. Die moest het maar eens proeven.
En het is wijn geworden. Wat een wonder!

Hoe het water wijn is geworden is helemaal niet relevant. Johannes beschrijft het niet en we moeten ook niet gaan gissen. Wat wel mooi is, is de verbaasde reactie van de ceremoniemeester. Hij weet niet waar deze wijn vandaan komt, en bovendien 'wie bewaart deze wijn nu voor het laatst? Maar proost!, het feest is niet in het water gevallen.' Wat zal de ceremoniemeester opgelucht zijn geweest
Ja het feest kan doorgaan. Het is nu feest, en het blijft feest.

Maar als we het wonder nu opnieuw bekijken in het licht van het voorgaande hoofdstuk komt er een heel bijzonder plaatje. De leerlingen van Johanne s de Doper zijn overgenomen door Jezus.
De schrijver van dit evangelie wil laten zien dat de Here Jezus sterk vergeleken is met Johannes de Doper. U weet: Johannes doopte met water. Water, dat was hét element van Johannes. Maar water was voor Johannes het teken van boete, de mensen moesten zich laten onderdompelen. Symbolisch sterven door onder te gaan in het water en weer op te staan.
En wat zien we de Here Jezus doen, van dat water wat zo'n strenge bijbetekenis had, maakt Jezus wijn. Het symbool voor feest, als de wijn op is, valt een bruiloft in het water. Maar dat strenge beeld: water om symbolisch in te sterven, wordt nu een teken van het feest van de Verlossing. Jezus is anders dan Johannes de Doper, maar Hij sluit er ook op aan. Met Jezus breekt het feest van de Verlossing aan. Zie je het? Het verhaal gaat niet alleen over een bruiloft die door kon gaan. Het gaat voor hen die het doorzagen, om veel meer.
De discipelen van Johannes, die zo onder de indruk waren van de prediking van Johannes, zij zullen het begrepen hebben: hier staat de Messias. Hij gaat boven Johannes uit. Johannes was de man die het koninkrijk alleen kon aankondigen. Jezus zal het koninkrijk doen komen. En de wijn, die staat al klaar. Het is nu feest!

En nu het laatste punt. We zagen: Jezus is anders dan Johannes de Doper,
Jezus sluit aan bij Johannes de Doper
Nu in de laatste plaats: Jezus overtreft Johannes de Doper

De beste wijn is voor het laatst. Dat is wel de omgekeerde wereld geweest! 'Eerst zet men toch de beste wijn op en vervolgens de slechte?', dat zijn de woorden van de ceremoniemeester. Natuurlijk, als je eerste slechte wijn op tafel zet, en daarna de goede, nee dat doe je niet. Snapt u dat de ceremoniemeester zo reageert? De ceremoniemeester heeft geen idee dat de Here Jezus deze wijn gemaakt heeft. Hij heeft geen flauw idee waar deze wijn vandaan komt, en hij heeft het nog niet aan de bedienden gevraagd. Híj beschuldigt de bruidegom dat die de beste wijn achter gehouden heeft. Jezus doet zijn wonder achter de coulissen. En daarom zegt de ceremoniemeester: 'nu het feest bijna afgelopen is, nu nog zulke wijn? Nee, dat is de omgekeerde wereld.

De Here Jezus kan alles, Hij is God, en de wijn die Hij maakt is dan ook gelijk de beste.
De Here Jezus overtreft de wijn die op is geraakt, alleen bijna niemand weet dat dit de wijn is die Jezus gemaakt heeft. Ja, wat een wonder. Water wordt wijn. Water dat eerst diende om mensen te wijzen op zonde is door het wonder van de Here Jezus wijn geworden. Het doopwater van Johannes de Doper wees de mensen op de kloof tussen God en mensen. Die zonde was niet door mensen weg te nemen. Zonde was de grote blokkade tussen de heilige God en ons, zondige mensen. En het water van Johannes gaf slechts een teken: je bent zondig, en daarom moet je een leven van berouw leiden. Maar Jezus verandert dat doopwater in wijn, en nu zie je wat de Here Jezus duidelijk wil maken. Wat onmogelijk voor jou en mij is om te dragen, de zonde, gaat de Here Jezus zelf dragen. De Here Jezus zal zelf je zonde dragen. Hij zal jouw zonde dragen. De mensen hoefden slechts symbolisch te sterven, ze werden met een zwaai weer boven water gehaald.

En daarom kan de wijn al zo vroeg op tafel! Het is nu feest, want we zijn bevrijd. We zijn verlost, we vieren het feest van de Verlossing. De betekenis van het wonder is dus wel groter dan dat er een bruiloft gered is. Het wonder is een belofte: er gaan grotere dingen gebeuren. De Here Jezus geeft hier een belofte: het feest van de Verlossing kan nu al gevierd worden! Het water waarmee gedoopt werd, wordt wijn voor het koninkrijk. Want die nieuwe wijn was geen bruiloftswijn, nee. Deze wijn is te goed voor een boerenbruiloft. En er is te veel voor een boerenbruiloft. Dit is wijn voor in het koninkrijk van de hemelen. Wijn die zo goed is dat de Here ermee voor ons een feest wil aanrichten. Wijn voor het feest nu, en voor het feest straks in de hemel.
Wijn voor nu: nu vieren we onze verlossing: de Here Jezus heeft zijn leven gegeven, zijn dood is ons leven.
En wijn voor straks: straks als het tijd is, als de tijd in de hemel om is, gaan we dat feest van de Here God meevieren. U, jij en ik.
Ja, inderdaad de beste wijn is voor het laatst. Maar geloof dan wel dat Jezus het water in echte wijn veranderde: Hij is Christus. Door Gods Woord is dit wonder gebeurd, Joh 1,2. Jezus Christus is Gods Zoon, de Zoon van de Schepper, van hemel en aarde. De God die jou en mij schiep. Die God die aarde en hemel regeert, door zijn Woord en dat is zijn Zoon. En hier leert U deze Zoon kennen. Hij schept water tot wijn, een bruiloftsfeest kan doorgang vinden. Maar het bruiloftsfeest dat Jezus met ons aan wil richten kan ook verder, alleen verder omdat Jezus het wilde. En daarvoor heeft Hij de straf gedragen die wij niet kunnen dragen. Geen doopwater meer alleen, geen boete meer alleen, maar ook wijn om de Verlossing te vieren.

Nog één ding: U weet dat Johannes de Doper een teruggetrokken leven leidde in de woestijn. Ziet u dat er nog een vergelijking is tussen de Doper en Jezus? Johannes is de gaande man, Hij verdwijnt achter de rug van de komende man, de Verlosser, Jezus Christus zelf. Maar Jezus trekt zich niet terug, Hij gaat niet de woestijn in. Hij beweegt zich onder de mensen, Hij zoekt de mensen op, op een bruiloft. Al die eenvoudige mensen, op die bruiloft, het was Hem niet te min om hen op te zoeken. Zo heeft de Here Jezus zondaars opgezocht, in tegenstelling tot Johannes, de mensen moesten maar naar Johannes toekomen. Jezus zoekt je op in je eigen concrete leven. Hij zoekt je op en nodigt je uit, en Hij wil dat je meeloopt. Jezus Christus nodigt je uit om je leven te veranderen naar die belofte. Het feest van de Verlossing begint alleen met Hem.
En dat feest is een overvloedig feest. Hebt u wel gezien hoe veel wijn er klaar stond in Kana? Honderden liters. Waarom zoveel? "Mag het niet wat minder?" dacht u misschien.

Het was zoveel, omdat er nog veel meer gasten uitgenodigd worden. Van de straten, van over de hele wereld. Alle mensen worden van harte uitgenodigd.

Maar u hebt ook de laatste woorden gelezen. 'En zijn leerlingen geloofden in Hem.'
Zijn leerlingen, dat waren toen die paar discipelen die Hij had. Zijn tijd was nog niet gekomen om iedereen zijn grootheid te laten zien. Maar zij zagen het en zij geloofden.
Jij bent toch ook een volgeling? Jij gelooft toch ook in de Here Jezus? Dan is de belofte voor jou. Je gelooft dat de Here Jezus alles kan, dat je je vragen en verlangens Hem kan voorleggen. Je gelooft dat Hij je zonden wegdraagt, de belofte is voor jou: vier het feest van de Verlossing mee.
Als je zo als leerling leeft, dan besef je dat dat feest met de Here God nu ook al begint.
Want je bent blij dat je je leven niet meer zelf hoog hoeft te houden: en geef dat maar door.
In onze eigen gemeente, maar ook aan hen die niet geloven, deel het maar uit. Het heil is niet alleen voor onszelf, het is een uitnodiging voor een ieder die geloven wil, want Jezus Christus is ons gegeven om die zonde van zondaren weg te dragen. En als je leeft als een volgeling van de Here Jezus, dan behoor je tot hen die met de Here Jezus aan tafel zullen zitten en het feest mee vieren. Geniet ervan, nu al. Het zal een voorproefje zijn van een veel groter feest, bij God in de hemel. Amen

Ds. Kees van Dijk

Vanaf eind 2003 tot begin 2014 is ds. Kees van Dijk predikant geweest bij onze zustergemeente van Capelle-Noord. De preken die in die periode door hem zijn gehouden staan hier als naslagwerk. Wilt u een van deze preken gebruiken, neem dan contact op met de dominee.

Website: ommen-no.gkv.nl/
terug naar boven