PREEK OVER 1 PETRUS 2:12a PDF Afdrukken E-mail
PREEK OVER 1 PETRUS 2:12a
- Capelle, 14 oktober 2007
- C.van Dusseldorp


Liturgie
Gz.131:1,2,3,4
Ps.13:1,4
Lezen: 1 Pet.2:9-17
Jer.29:1-14
Ps.145:4,5
Tekst: 1 Pet.2:12a
Ps.112:1,2,3
Ld.285:1,3,4


Gemeente van Jezus Christus,

** een bemoediging om christen te zijn

‘Als je in de grote steden van Nederland gaat wonen en dan consequent mensen gaat groeten, zul je zien hoe verrast ze reageren’. Dat stond in de krant afgelopen vrijdag. Als tip om con-tact te leggen met anderen. Om christen te zijn in je buurt. Er stonden nog meer tips in. Over meeleven met mensen in de straat. Over hoe je als gemeente een plaats van Christus kunt zijn voor anderen.

Het is een signaal van groeiende aandacht voor de uitstraling van het christen zijn. En voor de plaats die je als christen en als gemeente in de samenleving kunt innemen. Die groeiende aan-dacht waardeer ik zeer. Natuurlijk zijn er best gevaren en eenzijdigheden te bedenken. Het is goed om daar oog voor te hebben. Mits daarmee de bijbelse bemoediging niet wordt gedempt om voluit christen te zijn in deze wereld. Als we in het Nieuwe Testament daarover lezen, dan gaat het heel vaak om de levensstijl van Gods kinderen.

Een bijbelse bemoediging om voluit christen te zijn in deze wereld. Zo’n bemoediging heeft de apostel Petrus geschreven voor de christenen in Klein-Azië. We vermoeden dat hij zelf daar nog nooit geweest was. De brief heeft als poststempel Babylon, Irak. Maar via zijn me-dewerkers had hij veel gehoord over de verbreiding van het christelijk geloof in Turkije. Hoe-veel gemeenten daar ontstaan waren, vooral door het werk van zijn collega Paulus. En hoe moeilijk broeders en zusters het hadden om hun nieuwe geloof te verbinden met hun dagelijks leven. Een nieuw leven? Maar hoe dan in je oude leefwereld? In de Romeinse samenleving stond bovendien forse druk op de christenen. Hun geloof werd niet geaccepteerd. Het paste niet bij de cultuur. Gelovigen werden tegengewerkt, achtergesteld en zelfs vervolgd. Waar is dan je vrijheid? En hoe houdt je dan je blijdschap vast? Petrus hoort de berichten. Hij zit hon-derden kilometers ver weg. Maar hij besluit een rondzendbrief te schrijven. Om de broeder-schap te bemoedigen. Om voluit christen te zijn in hun wereld.

Wij kennen het zo niet. Per email wordt natuurlijk ook verschrikkelijk veel rondgestuurd. Re-clame, kerstgroeten, nieuwsbrieven, foto’s. Een rondzendbrief van een apostel is echt iets an-ders. Een handgeschreven brief, die door een koerier wordt gebracht en zondags wordt voor-gelezen. Er is een korte tijd beschikbaar om de brief te bestuderen en erover door te praten. Dan gaat de koerier weer verder en neemt de brief mee naar een volgende plaats. Alleen de woorden blijven hangen. Een rondzendbrief. Ter bemoediging van de christenen en de ge-meenten. Om vol te houden in het geloof, als je leeft in een niet-christelijke cultuur. Wij ken-nen niet de vervolging, waarmee de eerste lezers te maken hadden. Maar we kennen wel de strijd. Van de verbinding tussen geloof en leven, tussen Christus kennen en in de wereld staan. De strijd: wat is vrijheid in Christus? Hoe vind en houd je de vrede in Christus? De strijd ook om het doorgeven van de liefde en zorg van Christus aan anderen in je omgeving. Een bemoediging kunnen we wel gebruiken. Daarom deze rondzendbrief van Petrus.

** leef positief in de wereld

Uit het Oude Testament kennen we ook zo’n rondzendbrief. Die van een profeet, Jeremia. Hij stuurde die vanuit Jeruzalem naar de volksgenoten in ballingschap in Babel. Om hen te be-moedigen. De kern van die brief van Jeremia is: ‘Mensen, keer je niet af van de plek waar je terecht gekomen bent, maar ga daar aan het werk. Zet je in voor de stad, ga er wonen, zoek de mensen daar op en klit niet steeds samen, vol heimwee naar Jeruzalem. Bidt voor de mensen daar, de buren en de bestuurders. Je moet daar nu eenmaal een flink aantal jaren wonen.’ ‘Zet je in voor de bloei van de stad, want de bloei van de stad is ook jullie bloei.’ Zo ging de brief van Jeremia rond onder de ballingen in Babel.

De overeenkomst met de rondzendbrief van Petrus is opvallend. Niet alleen omdat de apostel ook de vorm van een rondzendbrief gebruikt en deze brief juist heeft geschreven vanuit Babel. Maar meer nog, omdat Petrus precies hetzelfde punt maakt. ‘Mensen, trek je niet terug uit de samenleving, en stel je ook niet op als overspannen wereldverbeteraars. Maar leef in je we-reld. Doe het goede, zoek de vrede en wees tot een zegen voor anderen. Het feit dat je in de Here Jezus een nieuw leven bent begonnen, betekent niet dat je met de wereld niets meer te maken hebt. Het feit dat het christelijke geloof niet wordt geaccepteerd, betekent niet dat je je maar moet terugtrekken in je eigen kringetje.’ ‘Leid te midden van de ongelovigen een goed leven.’ Zoek een positieve inbreng. Want op die manier kun je iets van de kracht en de vrij-heid van het evangelie in je eigen leven laten zien. En doorgeven aan anderen.

Misschien heb je wel eens het idee, dat het in de kerk over heel andere dingen gaat dan in het dagelijks leven. Het bovennatuurlijke, het geestelijke, is toch een andere orde. Er komen grote levensvragen aan de orde, waar je niet elke dag bij stil staat. Er worden moeilijke woorden gebruikt van genade, gerechtigheid en eeuwigheid. Woorden die je niet zo gemakkelijk als stickertje kunt opplakken op iets wat je kunt zien of doen. Laat je dan vanmorgen uit de droom helpen. Het effect van het geloof in de Here Jezus is heel praktisch. Blijf betrokken bij wat er in de samenleving gebeurt, en bedenk wat de gevolgen kunnen zijn van de WMO, van een generaal pardon, van de problemen in de jeugdhulpverlening, van de verseksualisering van onze maatschappij. Wees attent in de contacten met je buren, je klasgenoten of je colle-ga’s, ook denk je dat je meer dan genoeg sociale contacten hebt in de familie of in de kerk. Neem je verantwoordelijkheid als er iets gedaan moet worden. Hoe meer je christen wordt, hoe meer je de wereld in gaat en hoe positiever je je daar inzet. Opvallend positief.

** als vreemdeling kan dat

Als christen sta je opvallend positief in de wereld. Dat gebeurt natuurlijk niet zomaar. Dat kun je ook niet zomaar. Je hebt immers ook je eigen gevoelens, je eigen belangen, je eigen ambi-ties, je eigen wensen. Die werken vaak belemmerend om positief in de wereld te staan. Dat gebeurt niet zomaar. Het heeft ergens een geheim. Dat geheim benoemt Petrus door zijn le-zers aan te spreken als ‘vreemdelingen die ver van huis zijn.’

In de kranten en op de TV zien we portretten van vreemdelingen. Asielzoekers. Uit een heel ander land, een andere cultuur, met een aangrijpend verhaal van hun vlucht en een vaak nog aangrijpender verhaal van hoe ze in Nederland opgevangen worden. Petrus bedoelt de vreem-deling die mag blijven. Maar die wel zijn wortels elders heeft. Die vreemd aangekeken wordt en zichzelf soms ook wat vervreemd voelt van wat de anderen doen.

De eerste lezers van Petrus’ brief waren geen echte vluchtelingen, die hun eigen land hadden verlaten. Integendeel, zij waren geboren en getogen in hun woonplaats. En de vorige genera-ties ook al. Maar het feit dat ze christen geworden zijn, heeft hen tot vreemdeling gemaakt. ‘Vreemdelingen die ver van huis zijn,’ is het nu vertaald. Want je thuis als christen ligt niet meer in deze wereld, maar bij God. In het engels is het nog sterker: Jullie zijn ‘strangers and aliens.’ Mensen die niet van hier zijn. En dat klopt wel, schrijft Petrus, ‘want jullie zijn door God uitverkoren, jullie vormen samen een heilig volk.’ De Here Jezus leren kennen, betekent dat je een outsider wordt ten opzichte van andere mensen. Gods genade maakt je tot een vreemde voor de wereld die God niet kent.

Dat is een voorrecht. Want van deze wereld word je niet echt gelukkig. Maar van Gods gena-de wel. In deze wereld wordt je leven begrensd door de dood. Maar bij de Here Jezus is eeu-wig leven. Daarmee krijgen je eigen gevoelens, je eigen belangen, je eigen ambities en je ei-gen wensen voor het leven hier een heel andere waarde. Je bent niet meer afhankelijk van mensen. Maar alleen van God. Je hebt je schat gevonden. Dat geeft de motivatie en de ruimte om je positief op te stellen naar alle mensen om je heen. Voor een vreemdeling is het gemak-kelijker om zich onbevangen positief op te stellen, dan voor iemand die verworteld en vertrikt is geraakt in de netwerken, belangen en verwachtingen. Een vreemde heeft meer vrijheid.

** heiligheid in levensstijl

Als christen sta je opvallend positief in deze wereld. Dat kun je, als je de Here Jezus hebt ge-vonden en je leven aan Hem hebt vastgemaakt. Daarvoor is ook nodig, dat je weet wat ver-keerd is. Dat je de zonde kent en bestrijdt. Je moet immers weten wat positief is, en wat niet. En als dat positieve niet echt vanuit jezelf is, dan heeft het geen enkele kracht.

Die echtheid heeft de apostel Petrus op het oog, als hij schrijft: ‘Geef niet toe aan zelfzuchtige verlangens, die uw ziel in gevaar brengen.’ Zelfzuchtige verlangens zijn voor christenen nooit verleden tijd. Alsof het een verschijnsel is, dat met het aannemen van de Here Jezus ver-dwijnt. Nee, zelfzuchtige verlangens blijven bovenkomen in je leven. Het is mooi dat Petrus dat gewoon erkent. Waar hebben we het dan over? Het is de begeerte naar macht, naar luxe, naar seksuele bevrediging. De begeerte naar rijkdom, naar invloed, naar plezier. Misschien ook wel de begeerte naar controle, naar gezondheid, naar vitaliteit. Dat zijn op zichzelf niet allemaal slechte dingen. Maar de wens ernaar kan zo sterk worden, dat het zelfzuchtige ver-langens worden. Die brengen uw ziel in gevaar, waarschuwt de apostel. Omdat ze de toewij-ding van je leven aan God verhinderen. En wie zijn ziel verliest, verliest zijn leven.

Zo roept de apostel op tot beheersing van je begeerten. Sommige mensen kunnen dat prima, als er anderen bij zijn. De sociale controle werkt dan prima. Je gaat toch geen porno kijken als de buren het ook kunnen zien. Maar als je alleen bent is de nederlaag zomaar geleden. Denk niet dat het onschuldig is. Houd jezelf niet voor de gek, dat je er morgen mee stoppen kunt. Denk niet dat als iedereen iets doet, dat het dan prima is. De invloed van die zelfzuchtige ver-langens is levensgevaarlijk, schrijft de apostel. Geef er niet aan toe. Zorg dat heel je leven heilig wordt voor God en toegewijd aan Christus. Je hebt je schat gevonden, waar die verlan-gens van het vlees nooit tegenop kunnen.

Om het goede te kunnen doen, wordt echtheid gevraagd. Echtheid, waarnaar we soms zo ver-langen. Omdat we onze tekorten daarin kennen. Daarom is de bemoediging van de apostel op z’n plaats. Zijn aansporing is de bemoediging van Christus zelf. En de oproep om met je emo-ties en verlangens verstandig om te gaan. Zelfbeheersing is een kwaliteit van het christen-zijn. Je leven in deze wereld begint bij jezelf.

** vrijwillig schikken

Een opvallend positieve levensstijl. Dat is wat Petrus de christenen aanbeveelt. De mogelijk-heid begint bij het feit dat je vreemdeling bent. Je mag opvallen, want je valt al op. De voor-waarde is wel dat je daarin jezelf niet overslaat. Maar het gevecht tegen de zonde aangaat in je eigen leven. Maar daarna wordt die opvallend positieve levensstijl ook zichtbaar.

Als je dan even doorleest hoe de apostel dat concreet invult, dan sta je toch wel even te kij-ken. Een positieve levensstijl als christen betekent: dat je je schikt naar de mensen die boven je staan. Dat is een thema, dat Petrus als eerste uitwerkt. In allerlei verhoudingen. Zowel in het gezin, als in het bedrijfsleven, als in de maatschappij. Zorg dat je soepel invoegt in de structuren die er zijn. Dat je respect toont voor de overheid en de regels van de overheid. Zelfs wanneer je het er niet mee eens bent. Dat je je leraren in ere houdt, niet alleen in je daden, maar ook in je woorden. Zelfs wanneer een leraar onrechtvaardig was.

Deze uitwerking lijkt verbazend. Maar toch kunnen we het wel begrijpen. Probeer nog eens even zo’n christen van vroeger voor ogen te krijgen. Hij kwam tot geloof in Jezus Christus en trad toe tot de christelijke gemeente. Daarmee werd hij ergens een vreemde voor zijn familie, voor zijn collega’s en voor zijn vrienden. Mensen beschouwden dat als een ongewenste ver-storing van het evenwicht. Maar als zo’n christen een geschikte houding aannam, normaal bleef functioneren bij zijn baas, en zelfs met nog meer inzet probeerde zijn werk goed te doen, dan maakte dat een goede indruk. Als christenen de overheid loyaal gingen helpen om mis-daad en onrecht aan te pakken en zwakken te ondersteunen, dan werd dat gewaardeerd.

Daar begint die opvallend positieve levensstijl, zoals Petrus die beschrijft. Als concrete uit-werking vraagt hij om vrijwillige onderwerping aan het gezag van de overheid. Respect voor degenen die boven je staan, en de verschuldigde eer voor de koning. Schik je loyaal naar de orde in de maatschappij. Niet met een willoze onderwerping. Niet met een blinde gehoor-zaamheid. Niet met kritiekloos meepraten. Maar wel met de benodigde hoogachting en met actieve inzet. Zichtbaar en opvallend positief.

** dienen vanuit de vrijheid

Ik heb nu een paar woordjes overgeslagen, die de apostel hieraan toevoegt. Erken het gezag van bestuurders, ‘omwille van de Heer’. Dat is de motivatie die een christen brengt tot ge-hoorzaamheid en respect voor het gezag. Daarmee wijst de apostel op een belangrijk punt. Je zoekt een goede houding in de maatschappij ‘omwille van de Heer’. Je probeert op een goede manier met anderen om te gaan ‘omwille van de Heer’. Want de Heer vraagt dat mensen het goede doen. En de Heer vraagt van de overheid dat die recht en vrede bewaren. En de Heer geeft jou en u de complete vrijheid, zodat je je vrijwillig kunt voegen naar anderen.

Frank en vrij mag een christen in zijn wereld staan. Niet beheerst door angst voor kritiek of tegenwerking. Geen slaaf van gewoonten of tradities. Niet afhankelijk van anderen, zelfs niet van de overheid. Leef als vrije mensen, schrijft de apostel. Dat is een geweldige uitdrukking. Vrijheid, ontvangen in Jezus Christus. Die heeft je bevrijd van alles wat je onderdrukt. Be-vrijd van de zonde en de gebrokenheid. Bevrijd zelfs van de dood en alle gevolgen van dien. Bevrijd ook van de kleine cirkel van je eigen horizon. Compleet en helemaal sta je met Chris-tus in de ruimte. De ruimte van God. Opnieuw geboren door de opstanding van Christus. Met een levende hoop. Daarin ligt de vrijheid van een christen.

Ik weet heel goed dat christenen zich vaak helemaal niet zo vrij voelen. Christen-zijn lijkt dan eerder je leven af te knijpen dan tot bloei te brengen. Je lijkt zoveel niet te mogen, wat ande-ren wel doen. En als de bijbel er niets over zegt, dan levert de kerk er wel een gedragscode bij. Denk je. Het is waar, dat mensen je vrijheid kunnen inperken. Maar het is niet waar dat Christus je leven beperkt. Door zijn genade, komt er een fundamentele vrijheid in je leven. Je bent bevrijd van schuld en angst, van verplichtingen en egoïsme, zelfs van ellende en dood. Want je bent een kind van God. Neem je vrijheid serieus!

Die fundamentele vrijheid geeft ruimte om te dienen. Vrijheid is geen smoes om je nergens iets van aan te trekken. Of om dom je eigen gang te gaan, wat anderen ook zeggen. Of je on-aantastbaar te verheffen boven de regels die voor anderen gelden. Want je vrijheid komt tot uiting in je gewillige luisterhouding naar God. Je vrijheid is geborgd in je vrijwillige gehoor-zaamheid aan God. De ruimte heb je gevonden in je afhankelijkheid van Christus. Je staat in zijn dienst. En bent vrij om te doen wat Hij wil en wat goed is voor allen.

** goed leven tot eer van God

Leid temidden van de ongelovigen een goed leven. Een leven met goede werken. Begin ge-maakt met vrijwillige onderwerping aan orde die er is. Niet zonder kritiek of protest waar dat nodig is. Maar wel met voortdurend respect en loyale inzet. Daar begint de apostel. En hij werkt ook nog veel andere terreinen uit. Hoe je geloof gevolgen heeft voor de praktijk.

Temidden van ongelovigen, schrijft de apostel. Dat is niet voor ieder van ons altijd de situatie. Het gaat er wel steeds meer naar toe. Christenen lijken steeds meer een minderheid worden in de samenleving. Des te actueler wordt de rondzendbrief van Petrus aan de gelovigen die ver-strooid zijn. Maar ook nu is zijn woord richtinggevend en bemoedigend. Ik denk dat ik ook wel mag zeggen: leid ook temidden van gelovigen een goed leven.

Als christen sta je opvallend positief in het leven. Je hebt er alles voor in huis. Gekregen in Christus. Je vrijheid. Je redding. Je leven. Dat geeft je de ruimte en de wijsheid om te doen wat nodig is. Het christelijk geloof maakt dat je des te positiever je kunt inzetten. Vaak mis-schien ervaren als een strijd. Of als een kloof. Dan is dit een bemoediging in Christus. Die je goed kunt gebruiken. Wees voluit christen in je wereld.

Jeremia: bloei ook van jezelf. Positieve inzet werkt naar twee kanten. Het zal ook blijken ook tot zegen van jezelf te zijn. In de leefbaarheid van je omgeving. In de groei naar het beeld van God. Tot eer van God. Dat klinkt steeds mee op de achtergrond van Petrus’ brief. God eren – in de weg van bekering en erkenning. Anderen zien het. De eer van God. Ook in de wereld om je heen. Christen-zijn maakt je niet wereldvreemd.

Amen