Capelle aan den IJssel-Zuid/West
29 augustus 2010
Inleiding.
In Nederland zien we tegenwoordig veel kerken krimpen.
Hier in Capelle lijken we daar op het eerste oog nog niet zo veel last van te hebben, maar als we goed
naar de gemeente kijken, dan zien we toch een aantal zaken die onze aandacht vragen.
Zo is het tegenwoordig best moeilijk om onze generatie twintigers vast te houden.
Ik zie bijvoorbeeld veel jongeren vertrekken naar stadgemeenten, en helaas verdwijnen sommigen daar
vervolgens uit het zicht.
Anderen kiezen er voor om evangelische diensten te bezoeken.
Omdat het daar beter voelt.
We zien ook hoe lastig het is om goede ontmoetingsmogelijkheden te creëren tussen verschillende
groepen in de gemeente.
En weten de ouderen en jongeren van elkaar nog wel wat hun drijfveren zijn?
Hoe zijn we met elkaar in gesprek over de geestelijke maar ook hele praktische zaken?
Of zoekt iedereen daarvoor zijn eigen kring van vrienden en gelijkgestemden?
Maar waarom ben je dan samen één gemeente?
Misschien zie geen probleem.
Je voelt je een Christen en zet je als zodanig ook actief in.
En daar heb je de gemeente toch niet voor nodig?
Of je ziet juist wèl hoe de gemeente worstelt met vraagstukken en uitdagingen die in onze moderne tijd
op haar afkomen.
Je bent zelf grootgebracht in de traditie van liefde voor God en zijn heilige gemeente en je kunt je soms
best zorgen maken over het effect van de huidige cultuur op je kinderen en kleinkinderen.
Nu wordt er over heel veel zaken tegenwoordig verschillend gedacht.
De één wil graag dat de boodschap zondags op een andere manier wordt gebracht. De ander vindt het
vooral belangrijk dat er extra's activiteiten worden georganiseerd om de onderlinge band te versterken.
Een volgende is van mening dat er een andere sfeer moet komen in de kerk.
Jongeren willen dat de ouderen wat meer bereidheid tonen om taken en verantwoordelijkheden in de
kerk met hen te delen.
De ouderen verwachten juist dat de jongeren bereid zijn om zich ook voor langere tijd aan bepaalde
taken en verantwoordelijkheden te binden.
We raken hiermee aan een thema waarover eens wat dieper met elkaar over zouden moeten kunnen
doorpraten.
En die kans krijgen we, want voor komend seizoen wil de kerkenraad graag met jullie in gesprek over
de vraag: Hoe ben je als christen in gesprek met de cultuur en met elkaar?
En die vraag is eigenlijk ook meteen het thema van deze preek.
Ik hoop in de preek enkele Bijbelse bouwstenen aan te kunnen reiken.
En ik realiseer me heel goed dat ik niet over alle antwoorden beschik.
Daarvoor is het thema te breed en de problematiek te complex.
De preek is slechts een aanzet.
En ik moet er bij zeggen: soms kom ik misschien wat prikkelend over.
Misschien ben je het ook niet overal mee eens.
Maar ik hoop dat je toch dingen zult horen die je aan het denken zullen zetten.
Als je trouwens kijkt naar de huidige cultuur waar we als gemeente mee te maken hebben, dan roept
dat nog een vraag op: kunnen op onze huidige manier eigenlijk nog wel kerk in de wereld zijn?
Hoe is onze aansluiting met de mensen buiten de kerk eigenlijk?
Ik spits de vragen waar we over na zouden kunnen denken daarom als volgt toe:
1. Hoe kunnen een levende gemeente blijven voor elkaar?
2. Hoe kunnen een levende gemeente worden in de wereld?
De bouwstenen die ik in de preek wil aanreiken zijn:
– veranderen.
– vertrouwen.
– eensgezindheid
– het fundament van de kerk.
– liefde.
Veranderen.
Misschien is het nodig om als kerk een aantal dingen anders te gaan doen.
We noemen ook wel: metamorfose.
Een verandering doormaken om daardoor anderen beter te kunnen bereiken en vast te houden.
Maar veranderen is moeilijk en kan ook gevoelens van onrust oproepen.
Want, komen we zo niet terecht op een hellend vlak?
En raken we dan onze kerkelijke identiteit niet kwijt?
Een begrijpelijke reactie, want een cultuurverandering is niet zonder risico's.
In de huidige samenleving ontdek je een cultuur die sterk is gevormd door de welvaart en een weelde
aan keuzes.
Het internet is niet meer weg te denken en biedt ongekende mogelijkheden, maar ook verleidingen.
Het recht op zelfbeschikking en persoonlijke ontwikkeling staat hoog in het vaandel. Gezag en autoriteit
is voor velen ondergeschikt gemaakt aan persoonlijke vrijheid.
Jonge mensen besteden vaak nog maar vluchtig aandacht aan gebeurtenissen en gaat het liefst
zappend door het leven.
Vind je iets niet leuk meer, dan ga je toch wat anders doen?
Het gaat er om dat je een goed gevoel hebt bij de dingen die je doet.
Nou en die cultuur beïnvloedt natuurlijk ook de kerk.
Een cultuur met de nadruk op gevoel en beleving.
Dat zie je terug in sommige liturgische veranderingen, flitsende beamerpresentaties en
opwekkingsliederen.
Maar misschien ook wel in het feit dat het steeds moeilijker wordt om ambtsdragers te vinden. Want
ambtsdrager zijn voelt lang niet altijd goed.
Voor sommigen van jullie is deze ontwikkeling misschien normaal en je reageert er rustig op.
Anderen maakt het misschien juist erg bezorgd.
En als kerk veranderen en je aanpassen aan die cultuur? Liever niet!
Maar wat deed Jezus? Zo lazen we in Filippenzen 2.
Hij veranderde ook en paste zich volledig aan.
Als God, werd hij een mens.
Hij ging van de perfecte hemel naar de gebroken aarde.
Ja, Jezus ging zo diep door zijn knieën, dat hij de mensen kon bereiken.
Door zelf te veranderen, kon hij contact maken en zijn boodschap van redding doorgeven.
Nee, veranderen is niet gemakkelijk. Je moet bereid zijn om veel op te geven.
Het kostte Jezus zelfs zijn leven, maar dat had hij er voor over.
Ben jij bereid om mee te veranderen, als blijkt dat we als kerk daardoor de jongeren beter kunnen
vasthouden en nieuwe mensen beter kunnen bereiken?
Of heb je er geen vertrouwen in dat het nog goed komt?
Vertrouwen.
Om vertrouwen te hebben in de toekomst, moeten we soms ook eens achterom kijken. En dan zien we
dat de kerk in het begin groeide als kool.
Vaak tegen de verdrukking in.
Onder keizer Constantijn de Grote werd de christelijke kerk zelfs staatskerk.
Door de aanzuigende werking die dat op heidenen had, explodeerde de groei zelfs.
Natuurlijk kwam er daardoor ook veel heidens gedachtegoed de kerk binnen.
Maar de kerk overleefde alle dwalingen en door reformaties heen bewaart God zijn kerk.
Vanaf de 18e eeuw zet de secularisatie flink door en in de 19e eeuw komt er een scheiding tussen kerk
en staat.
Daardoor is kerklidmaatschap geen vanzelfsprekendheid meer.
We zien de kerk zich vervolgens terugtrekken en zich wapenen tegen de opdringende boze
buitenwereld.
Nu is het in de voetballerij zo dat aanvallen de beste verdediging is.
Je moet er uit, je tegenstanders opzoeken.
Misschien geldt dat ook wel voor de kerk.
Niet terugzakken achter de eigen veilige muren, maar er op uit!
Contact zoeken met elkaar en met mensen buiten de kerk.
Het evangelie presenteren en demonstreren.
Want we mogen hierop vertrouwen: de kerk blijft in leven, hoe ook bespot verdrukt, door dwalingen
omgeven, verscheurd uiteengerukt.
Dat heeft de Heer immers zelf beloofd toen hij zijn leerlingen de wereld instuurde!?
Ik ben met jullie!
En kijk eens naar China, India, Zuid Amerika, Afrika!
Wat een kerkgroei zie je daar! Een groei waar wij alleen nog maar van dromen.
Je kunt er als gemeente voor kiezen om alles bij het oude te laten.
Misschien lukt het dan om als steeds kleiner wordende groep nog een tijdlang te overleven.
Maar tegelijkertijd vrees ik dat de gemeente als geheel dan uit elkaar zal vallen.
Dat er dan gemeenteleden zullen zijn die het op den duur niet langer uithouden.
Nee, jullie horen mij hier geen pleidooi houden voor een radicale omslag waarbij het kind met het
badwater wordt weggegooid!
Maar wel een opwekking tot het wegdoen van radicale uitwassen binnen onze kerkelijke cultuur.
Regels en structuren die ver af staan van onze jongeren en door onze buitenwereld niet worden
begrepen.
We kunnen er ook voor kiezen om de winst van het verleden dankbaar mee te nemen, en tegelijkertijd
aan het werk gaan op een manier die ook voor jongeren en buitenstaanders relevant, concreet,
overtuigend en meeslepend is.
Aansluiten op hedendaagse communicatiemogelijkheden hoeft bvb beslist niet ten koste te gaan van
de zuiverheid van Gods woord.
Ik denk ook dat het heel goed zou zijn wanneer we zouden proberen om mensen van verschillende
generaties en culturen aan te spreken in hun eigen taal.
Ik denk zelfs dat dat heel Bijbels is.
Spraken de leerlingen op de Pinksterdag ook niet iedereen aan in hun eigen taal?
Zo werkte de Geest van Christus en zo werden verschillen overbrugd en muren geslecht die door
mensen waren gemaakt.
Eensgezindheid
Het zou dus best eens kunnen zijn dat de problematiek waarmee we in onze kerken te maken hebben,
mede veroorzaakt wordt door een gebrek aan gemeenschappelijke focus.
En dat sommige problemen soms zo dik zijn, omdat de liefde soms zo dun is.
Omdat er soms te weinig eensgezindheid is.
Het is niet erg om in de kerk verschil van mening te hebben.
Als het eigen gelijk zich maar niet verheft boven wat God zelf bezig is te doen.
Want wie goed let op hoe de Geest van Christus werkt, die zal zien dat die Geest waait waarheen hij
wil.
Daarom doet het mij wel eens verdriet als ik merk dat in de kerk soms zelfs van bepaalde
werkmethoden en organisatievormen een heilige kwestie wordt gemaakt.
Ja, eensgezindheid; daar mankeert soms best wat aan.
En de Bijbel waarschuwt vaak voor de gevolgen als het aan daaraan ontbreekt.
Paulus maakte zich zorgen over de gemeente van Korinte.
Want daar was ook veel verschil van mening. En als gevolg daarvan partijvorming.
Het zette de gemeente onder druk en dreef groepen uit elkaar.
In zijn brief roept Paulus hartstochtelijk op om eensgezind te zijn.
Want, schrijft Paulus in vers 13: “is Christus dan verdeeld?”
Treffend dat Paulus zijn blik allereerst richt op de eenheid van Christus zelf.
En vanuit die blik op Christus, kijkt hij naar de kerk.
Wat zie jij als je naar de gemeente kijkt?
Ze is in jouw ogen misschien oerlelijk.
Maar weet je, Jezus is gek op haar.
Het is zijn bruid en Hij gaf er zelfs zijn leven voor!
Misschien begrijp je daarom die indringende oproep: “in Jezus' naam gemeente, weest eensgezind!”
En nu denk je misschien dat Paulus die oproep niet aan ons richt.
Want je kunt onze gemeente toch niet vergelijken met die van Korinte?!
Toch laat ook bij ons de onderlinge verbondenheid nog best te wensen over.
Ook bij ons zijn er discussies en meningsverschillen die de kerk niet altijd mooi maakt.
Ook bij ons zie je wel groepsvorming.
En daarmee bedoel ik niet het onderscheid tussen ouderen en jongeren, maar een verschil tussen (wat
ik maar noem) zoekers van de eenheid en zoekers van de waarheid.
En misschien komt dat wel gewoon door een stuk spanning in de Bijbel zelf.
Want enerzijds roept de Schrift ons op tot eenheid en eensgezindheid.
Maar anderzijds roept de Schrift ook op om vast te houden aan de overgeleverde leer, en te bestraffen,
(zelfs af te scheiden) van hen die dat niet doen.
De Bijbel gebruikt daarvoor soms zelfs stevige taal.
Bijvoorbeeld Galaten 1:8: "Wanneer iemand u iets verkondigt dat in strijd is met wat ik u verkondigd
heb, al was ik het zelf of een engel uit de hemel – vervloekt is hij!"
Het belang van zowel waarheid als eenheid in de kerk is dus een Bijbels gegeven.
De vraag is echter, of de spanningen die dat oplevert, ten koste moet gaan van de aantrekkelijkheid, of
dat de Bijbel ook iets zegt over de manier om met dit soort spanningen om te gaan?
Laten we alsjeblieft voorzichtig zijn in ons spreken over elkaar en over de kerk.
En misschien moeten we onze verwachtingen van de kerk wel een beetje bijstellen. Een volmaakte
kerk zul je op aarde nergens vinden.
Je kunt natuurlijk vertrekken en je aansluiten bij een andere gemeente.
En in het begin zul je daar vast en zeker enthousiast zijn.
Maar je komt er eens achter dat het ook daar niet allemaal koek en ei is.
We leven in een gebroken wereld, en die gebrokenheid kom je daarom ook in de kerk tegen.
En natuurlijk moeten we zonde wel zonde blijven noemen.
In de kerk mag de zonde nooit een wettige plaats krijgen.
Maar als er in de kerk dingen veranderen, wordt ze daardoor ook niet meteen een valse kerk. En niet
alle veranderingen zijn slecht.
Het fundament van de kerk.
Paulus spreekt de gemeente van Korinte (waar zoveel aan de hand was) aan met: “gemeente van God,
geheiligd door Jezus Christus”.
En daarom vanmiddag ook aan jullie de oproep: verwonder je , net als Paulus, over het feit dat ook
deze gemeente, ondanks haar vele gebreken, toch in Christus geheiligd is.
En wat zou het prachtig zijn als onze onderlinge gesprekken in de eerste plaats daarover zouden gaan.
Over onze relatie met Christus!
Ja, hoe staat het daar mee? Je relatie met Hem?
Als die relatie goed is, dan heb je er vast geen behoefte aan om al te lang te discussiëren over dingen
die niet raken aan het fundament van de kerk.
Waar je behoud niet van afhangt.
Dan hou je energie over voor andere dingen.
Dan zoek je elkaar op; dan probeer je verschillen te overbruggen, dan ga je samen aan de slag.
Ouderen en jongeren, de handen ineengeslagen.
En dan durf je ook het contact te maken met de mensen van buiten.
Omdat dat de liefde van Christus je daartoe drijft.
Paulus dringt er bij de kerk van Korinte op aan om in denken en overtuiging volkomen één te zijn.
Maar dat is toch niet realistisch!
Je kunt toch niet verwachten dat iedereen overal precies hetzelfde over denkt?
Inderdaad, Paulus bedoelt ook iets anders.
Waar het op neerkomt is dat de gemeente zich concentreert op de kern.
Op Jezus Christus.
Paulus roept op om Christus in alle dingen als middelpunt en als uitgangspunt kiezen.
Vind je dat klinken als een open deur?
Laten we samen wel door die open deur heenstappen!
Door samen te bidden en door elkaar te willen ontmoeten in de kerk.
Paulus wijst ons daarvoor de meest voortreffelijke weg. De weg van de liefde.
(1 Kor. 13).
Liefde.
Liefde, als drijfveer om elkaar te ontmoeten in de kerk.
Liefde als middel om als gemeente niet bang te zijn voor nieuwe uitdagingen.
Liefde om er alles aan te doen om onze jongeren vast te houden.
Liefde om contact te zoeken met mensen die nog buiten de kerk staan.
Liefde als vervulling van al Gods geboden..
Jezus zei tegen zijn leerlingen: “zoals ik jullie lief heb, moeten jullie ook elkaar liefhebben. Aan jullie
liefde voor elkaar zal iedereen zien dat jullie mijn leerlingen zijn” (Joh. 13:34)
Voel jij je ook een leerling van Jezus?
Wat betekenen zijn woorden voor jou?
Hoe stel jij je op in de gemeente en hoe ben je met elkaar in gesprek?
Ben je geneigd om te heersen, of ben je bereid om te dienen?
Kun je goed luisteren, of moeten anderen vooral naar jou luisteren?
Ouderen in de kerk, hoe erg vinden jullie het als er in de dienst dingen gebeuren die jij niet mooi vindt,
maar de jongere generatie juist erg aanspreekt?
En jongeren, balen jullie er van als er in de kerk soms liederen worden gezongen die heel ouderwets
klinken?
Misschien zitten er ook mensen in de kerk die uit zulke liederen nou juist heel veel troost putten.
Ik denk wel eens: hoe zou het zijn als we in de gemeente zoveel om elkaar zouden geven, dat de
ouderen bv. zouden vragen om eens te zingen uit de “Psalmen voor nu”, uit liefde voor de jongeren.
En dat de jongeren zouden vragen om af en toe eens te zingen uit de oude psalmberijming, uit liefde
voor de ouderen.
Zou dat niet mooi zijn?!
Het gaat er in de kerk namelijk niet om, dat je er voor jezelf uithaalt wat er in zit.
In de kerk ben je gericht op elkaar, en samen ben je gericht op Christus.
En in de christelijke kerk klinkt uit de mond van de gelovigen dit gebed: Heer, minder van mezelf en
meer van U alstublieft!
Laten we als gemeente samen zo samen met ons gezicht naar Jezus Christus toe gaan staan.
Een gemeente die zo samenleeft, zal het verschil gaan merken.
De wereld om ons heen trouwens ook.
En ik heb ook nog een pastorale handreiking voor de jongere generatie.
Het zijn niet alleen de ouderen die moeten veranderen.
Ook jullie mogen soms best wat meer geduld opbrengen als de dingen in de kerk niet helemaal zo
gaan zoals jullie het graag zouden willen.
Ik snap best dat het heel moeilijk is.
Maar wegblijven en afhaken is veel te makkelijk.
Ik denk dat de Heer Jezus ook aan jullie het offer vraagt van zelfverloochening.
Jezelf minder belangrijk vinden dan de ander.
Dat doet bijna niemand graag.
Maar kijk dan weer eens naar Jezus. Hij deed het wel voor jou.
Onze Heiland liet zien hoe je de minste kunt zijn.
Het is in de kerk dus niet alleen belangrijk of jij je goed voelt.
Het draait om de liefde.
En de liefde neemt niet, maar geeft...
Een gemeente waar liefde woont straalt uit dat zij een plaats is waar het goed toeven is. Want God is
daar.
In zo'n gemeente zijn de mensen verbonden aan elkaar en samen verbonden aan Christus.
Een drievoudig koord dat niet verbroken kan worden.
En zo'n hechte gemeenschap is aantrekkelijk voor de wereld.
Moge de Heer deze gemeente zo laten groeien in eensgezindheid en missionaire kracht.
Amen.


