Tools

Gereformeerde Kerken vrijgemaakt

Capelle aan den IJssel

You are here: Start » Kerkdiensten » Preken lezen » Zondag 9
dinsdag, 07 februari 2012

Zondag 9

E-mail Afdrukken PDF

Capelle, 15 augustus 2010
C.van Dusseldorp

Liturgie:

Votum en groet
Gz.146
Gebed
Lezen: zondag 9
Lezen: Gen.2:5-20
Rom.8:18-25
Ps.104:8,9,10
Prediking
Ps.102:11,12,13
Geloofsbelijdenis
Gz.149
Gebed
Collecte
Ld.426:4,5
Zegen

PREEK 15 AUGUSTUS 2010. CAPELLE AAN DEN IJSSEL. C.VAN DUSSELDORP.
LEZEN: GEN.2:5-20; ROM.8:18-25. TEKST: H.C. ZONDAG 9.

Gemeente van Christus,

Een ramp die zijn weerga niet kent. Dat wordt inmiddels wel duidelijk als de cijfers en
feiten van de overstromingen in Pakistan genoemd worden. De grootste natuurramp van de
afgelopen 60 jaar. 1 miljard dollar schade aan de gewassen. 20 miljoen mensen die op de
een of andere manier getroffen zijn. Het einde is nog niet in zicht, de hulpverlening komt
aarzelend en gebrekkig op gang. De aarde waarop wij leven, kent blijkbaar krachten, die wij
niet kunnen controleren. Krachten die vernietigend en bedreigend tegenover de mens staan.
En wij staan vanmiddag stil bij de belijdenis dat wij geloven dat God de Schepper van hemel
en aarde.

Natuurrampen roepen na de verbijstering allereerst ons meeleven, barmhartigheid en
ondersteuning op. De slachtoffers en alle betrokkenen verdienen hulp, geld, troost en gebed.
Daarna kijken we ook naar de oorzaken en leerpunten. En in dit geval is er veel menselijks
te vinden in de oorzaken van de ramp. Illegale houtkap, een wrakke stuwdam, overbevolkte
stroomgebieden en slechte voorbereiding en actie. Zelfs achter de extreme regenval wordt
de invloed van de mens aangewezen. De klimaatverandering wordt immers verbonden aan
onze industrie, ons consumentisme en ons energieverbruik, waardoor de aarde langzaam
maar zeker opwarmt. Aan diezelfde klimaatveranderingen door menselijk gedrag worden
de onblusbare branden in Rusland verbonden, evenals de grote overstromingen in Polen. En
Nederland gaat er ook mee te maken krijgen, vertellen deskundigen ons. En wij belijden dat
we geloven in God de Schepper is van hemel en aarde.

In Oost-Europa kent de christelijke kerk een traditie: Eén van de zondagen in september
wordt gevierd als de zondag van de schepping. Als wij ergens aandacht zouden moeten
vragen voor de schepping en ons omgaan ermee, dan is dat wel bij zondag 9 van de HC,
waarin de belijdenis klinkt dat God de Schepper is van hemel en aarde en alles wat daarin
is. Vanmiddag wil ik graag met u op zoek gaan, wat er in die belijdenis is samengevat over
schepping en natuur, milieu en ecosystemen, aarde en klimaat. En vooral wil ik daarbij naar
onszelf kijken. Hoe gaan wij om met de schepping? Wat is ons gedrag ten opzichte van het
milieu?

Ik moet daarbij één opmerking vooraf maken. Als het gaat over het milieuproblemen,
menselijke oorzaken voor klimmaatverandering, groene energie, duurzame productie en
biologische producten, dan reageren christenen nogal verschillend. Misschien voel jij
je er verlegen mee, omdat je weet dat ook jouw levensstijl vervuilend werkt. Misschien
voel jij je er machteloos bij, omdat het zulke grote problemen zijn, waar je zo weinig aan
kunt doen. Misschien voel jij je wat geïrriteerd, omdat je niet zo goed tegen milieufreaks
kunt of van mening bent dat de problemen zwaar worden overdreven. Misschien haak je
af, omdat je vindt dat het in de kerk veel meer over je eeuwig heil en behoud moet gaan.

Laat ik met dat laatste beginnen. Het gaat in de kerk altijd om een blijde boodschap. Om het
evangelie van Gods genade en goedheid. Om de aanbidding van Jezus Christus als onze Heer
en Verlosser. Maar dat evangelie staat niet los van ons leven en van onze wereld. Integendeel.
Juist daar wordt het evangelie zichtbaar – of niet, krijgt het evangelie kracht – of niet, werkt
het tot verandering in gedrag – of niet. Het evangelie van Jezus Christus confronteert, daagt
uit, bemoedigt en ondersteunt. Vanmiddag wil ik graag dat evangelie brengen als het gaat
over onze omgang met de schepping van God. Bij de belijdenis dat Hij de Schepper is van
hemel en aarde, gaat het niet alleen om wat je zegt over dat Hij alles geschapen heeft, en

dat het dus niet allemaal toevallig en vanzelf is ontstaan. Het gaat er ook niet alleen om dat
Hij alles op aarde in zijn hand heeft en regeert. [In de afgelopen jaren heb ik nav zondag 9
beide thema’s uitgewerkt.] Wat ook de aandacht moet hebben, is hoe jij en ik omgaan met dat
kunstwerk van Gods handen, dat wij kennen als onze aarde, met een natuur, een milieu en een
klimaat.

Gods schepping heeft behoefte aan nieuwe mensen: mensen met
Nieuw inzicht in de schepping
Nieuwe omgang met de schepping
Nieuwe hoop voor de schepping

1. Gods schepping heeft behoefte aan mensen met nieuw inzicht in de schepping.

Nieuwe mensen, dan zijn christenen. Zo spreekt de bijbel er tenminste over. Wie Jezus
Christus kent, wordt een nieuw mens genoemd. Een nieuwe schepping zelfs. Een mens met
een nieuw leven. Een leven in vrijheid, een leven in vrede, een leven in blijdschap. Want het
is een leven met God. Waarbij je op God afgestemd bent, je Gods nabijheid beseft en je laat
inschakelen voor Gods plannen. Een nieuw mens, dat moet je ook worden. Zo spreekt de
bijbel er ook over. Als een proces van groei, een strijd tegen wat je van nature bent en wat in
onze wereld de hoofdlijn is. Iets waar je Gods hulp ook bij nodig hebt en elkaar als gemeente.

Als ik in het thema formuleer dat Gods schepping behoefte heeft aan nieuwe mensen, dan
is dat een vertaling van wat Paulus schrijft: ‘De schepping ziet er reikhalzend naar uit dat
openbaar wordt wie Gods kinderen zijn.’ Voor de schepping is het goed dat er mensen zijn,
die op een andere manier met de schepping omgaan. Op de nieuwe manier van Christus. Dat
betekent dat er ook hier en nu al iets verandert voor mensen die God hebben leren kennen.
Met uitzicht op de toekomst, wanneer Gods kinderen de wereld overnemen en zullen beheren
in de wijsheid en glorie van God.

Nieuwe mensen dus. Het eerste wat mensen nieuw maakt, is dat ze nieuwe inzichten volgen.
Inzichten die gebaseerd zijn op wat God zelf zegt. Geestelijke inzichten. Inzichten die niet
alleen in hun hoofd zitten, maar ook in hun hart en hun handen. Ik wil vier dingen noemen,
die voor een christelijke visie op het omgaan met milieu en schepping belangrijk zijn.

Allereerst wil ik u wijzen op het woordje ‘toevertrouwd’. Dat staat in psalm 8, bij de lofzang
op de bijzondere plek van de mens in Gods schepping. ‘Heer, U hebt de mens het werk van
uw handen toevertrouwd en alles aan zijn voeten gelegd’. Oké dat weet je misschien. Maar
hoe voel je dat en wat betekent dat? Als je op kraambezoek gaat, dan gebeurt het wel eens,
dat je de baby voorzichtig in de armen gelegd krijgt. Het kleine kindje wordt je toevertrouwd.
Dat is een eer: de kraammoeder hoeft het niet te doen en het kindje is voor haar bijzonder
kostbaar. En ze gaat er terecht van uit, dat je het kindje goed en rustig vasthoudt. Wat de Here
God met veel liefde en creativiteit zo uniek en goed heeft geschapen, heeft Hij toevertrouwd
aan ons. Ieder heeft daar een deeltje van: je spulletjes, je kinderen, je plekje op aarde, zelfs
je eigen lijf. Een eer met een opdracht. Zoals we in Gen.2 lezen dat God de mens die Hij
had gemaakt ín de tijd van Eden plaatst om die te bewerken en erover te waken. En de mens
neemt die bevoegdheid, bijvoorbeeld in de naamgeving van de dieren. Het werk van Gods
hand is aan ons mensen toevertrouwd. Een voorrecht en een verantwoordelijkheid.

Nieuw inzicht. Geestelijke waarheid over de schepping. Ik wil er in de tweede plaats op
wijzen dat voor God dieren, planten en aard een eigen liefdevolle aandacht krijgen. Die
aandacht is anders dan Gods liefde voor de mens. Maar die aandacht is er wel. In het gebod

op de sabbatdag staat, dat de mens ook zijn vee moet laten rusten. In de wetgeving van
het sabbat- en jubeljaar is bepaald dat de grond elke zeven jaar onbewerkt blijft. En het
bijbelboek Jona sluit er zelfs mee af: ‘Zou ik dan geen verdriet hebben om die grote stad,
waar zoveel mensen wonen en dan nog al die dieren?’ Jezus zegt: ‘Er valt niet één mus dood
neer, als jullie hemelse Vader het niet wil.’ De beschrijving van dieren en planten in de bijbel
is zo vol liefde en oog voor details, dat daaruit blijkt hoe ver Gods zorg en aandacht gaat.
Zijn oog rust op de bomen en de bloemen, op de vogels en de mieren, op de paarden en de
schapen.

Nieuw inzicht. Bijbelse wijsheid. Dat is ook wat er in Ps.102 staat: ‘Hemel en aarde zullen
vergaan, ze zullen als kleren verslijten, maar U blijft dezelfde.’ Dat er slijtage in de schepping
optreedt, dat weten we. Dat de bijbel hiervan al spreekt en dit zelfs aankondigt, mag tot
nuchterheid stemmen. Misschien moeten veel kosmische tekenen van de eindtijd in het
laatste bijbelboek Openbaringen ook wel begrepen worden als gevolgen van uitputting van de
schepping. Alle inzet die voor natuur en milieu wordt gedaan en moet worden gedaan, hoeft
niet idealistisch gericht te worden op het herstel van een paradijs op aarde. Die gaat er niet
komen door ons mensen. Aan de aarde is een datum van uiterste houdbaarheid meegegeven.
Welke datum dat is, weten we niet. Maar de duurzaamheid van de natuur zelf is niet eeuwig.

Nieuw inzicht. Christelijke visie. In de vierde plaats wil ik erop wijzen dat Jezus Christus niet
alleen gekomen is om mensen als jou en mij te redden. Het werk van Jezus Christus heeft een
groter doel: her herstel van alle dingen, schrijft Paulus in Kol.1. ‘God wil door Christus alles
met zich verzoenen, alles in de hemel en alles op aarde, het zichtbare en het onzichtbare.’
En in 2 Kor.5 voegt hij daaraan toe dat de verkondiging van die verzoening aan hem is
toevertrouwd. Jezus Christus is gekomen voor verzoening van heel de schepping. En daarom
mag het christelijk geloof niet opgaan in je eigen, persoonlijke ziel en zaligheid. Het werk van
Jezus Christus heeft veel grotere gevolgen.

Mensen met nieuwe inzichten. Niet nieuw, omdat het nog nooit door iemand bedacht is.
Maar nieuw, omdat het christelijke inzichten zijn, bijbelse waarheden, geestelijke wijsheid.
Over het omgaan met de schepping. Inzichten die niet uit jezelf komen. Maar die tegelijk
wel alles met jezelf te maken hebben. Vier dingen uit de bijbel: Heel Gods werk heeft Hij
ons toevertrouwd. Dieren en planten staan in Gods liefdevolle aandacht. Deze wereld is
aan slijtage onderhevig. En het werk van Jezus Christus betreft het herstel van alle dingen.
Nieuwe inzichten voor nieuwe mensen. Die ook leiden tot nieuw gedrag:

Gods schepping heeft behoefte aan mensen met nieuwe omgang met de schepping.

Een kikker kan niet tegen heet water. Als je probeert een kikker in een pan heet water te
stoppen, springt hij er meteen uit. Maar mocht je toch kikkers willen koken – en in sommige
culturen schijnt dat een lekkernij te zijn – dan doe je de kikker in de pan als het water koud is
en warm je het water langzaam op. De kikker warmt mee op en raakt aan de kook voordat hij
beseft wat er gebeurt. Hij heeft niet de prikkel om eruit te springen, want het voelt gewoon.

Ik noem dit voorbeeld niet als een voorbeeld van goede omgang met dieren. Maar naar mijn
idee zijn wij in heel veel opzichten net als die kikker. We doen mee met onze omgeving,
we bouwen ongezonde gewoonten op en hebben niet in de gaten dat we er beter uit kunnen
springen. Ons leven voelt gewoon. Het vergt een beslissing om bewuster te consumeren dan
we langzaam maar zeker gewend zijn. Het vraagt om een keuze om niet nu een nieuwe iPhone
te komen, maar de vorige nog wat langer te gebruiken. Je moet erover nadenken wat je met
het koude water doet, dat eerst uit de kraan stroomt als je warm water nodig hebt.

In mei is een kort onderzoek gehouden onder gereformeerde christenen over
duurzaamheid. ‘Het christelijk geloof is voor mij een belangrijke inspiratiebron om met
duurzaamheid bezig te zijn’, zegt een grote meerderheid. ‘Maar de kerk stimuleert dat niet.’
Dat is opvallend. En als belemmeringen om ook praktisch op een andere manier om te gaan
met het milieu, worden vooral twee dingen genoemd: de gedachte dat het niets uitmaakt wat
jij als klein persoontje doet én gewoontegedrag: Ik doe het altijd al zo, en let er eigenlijk in de
winkel of thuis niet goed op. En eigenlijk is het wel gemakkelijker om de auto te pakken in
plaats van de fiets. En kun je lege verfblikken veel sneller in de vuilnisbak gooien, dan naar
een aparte inzamelplaats. Gewoontegedrag staat veranderingen in de weg.

Is het nodig om je gedrag te veranderen? En hoort een christelijke levensstijl een
milieubewuste levensstijl? Het antwoord moet ‘ja’ zijn. Ook al zijn deskundigen het over
bijna niets met elkaar eens, toch liegen de cijfers er niet om. Klimaatverandering wordt
vrij overtuigend gekoppeld aan menselijk gedrag. Als alle mensen zouden leven zoals
wij dat doen, dan zouden we drie planeten nodig hebben van het formaat van de aarde
om dat mogelijk te maken, zo hebben mensen uitgerekend. Je kunt je eigen ecologische
grondverbruik meten op www.voetafdruk.nl. En je zult daar niet blij van worden.

Behalve dat directe verband tussen ons gedrag en de problemen in de schepping, ligt er ook
nog een veel dieper verband. ‘Dat de aarde ten dode lijkt opgeschreven, is gevolg van de
mens’, schrijft Paulus. Dat de mens zich van God heeft willen losmaken en nog steeds wil
losmaken, rukt heel de schepping uit z’n verband. Dood, zinloosheid, onvruchtbaarheid,
onbeheersbaarheid, misbruik en rampen, worden in de bijbel verbonden aan de zonde van de
mens. Voor zonden moet je vergeving vragen. En tegen zonden moet je vechten. Reden dus
genoeg voor ander, christelijk gedrag van nieuwe mensen.

Wat is nu nieuw gedrag? Een christelijke omgang met natuur, milieu en schepping? Dat
gaat om je complete levensinstelling en de manier waarop je met heel je leven en leefwereld
omgaat. Het ziet op wat ‘christelijke levensstijl’ heet. Dat heeft niet alleen te maken met
de ethische keuzen die je maakt: wat doe je wel op zondag en wat niet, hoe ga je om met
medische mogelijkheden, hoe ga je met een ander om in je huwelijk en daarbuiten enzovoort.
Een nieuwe levensinstelling heeft ook te maken met je omgang met de schepping. Dat nieuwe
leven kent een aantal contouren: als mens van Christus mag je ontspannen, verantwoordelijk,
vrij, radicaal, sociaal en biddend leven. Dat geldt voor allerlei thema’s, en zeker ook
voor de omgang met de schepping. Hoe wordt dan die christelijke houding ingekleurd?

Het is een ontspannen houding. De aarde is van God. Christus is Heer. Niet ik ben de Heiland
van de wereld. Niet ik ben de Rechter. Hoe klein mijn bijdrage ook is, dat moet Hij dan maar
vruchtbaar maken. En als het soms niet gaat zoals ik wil, is dat niet een ramp. Ik hoef niet alle
welvaart weg te doen. Maar op de plek die ik gekregen heb mag ik Christus dienen.
Het is een verantwoordelijke houding. Als ik weet hoe slecht mijn gedrag is, dan neem ik daar
verantwoordelijkheid voor. Ik belijd mijn schuld en zet mij in om de schade te herstellen en
herhaling te voorkomen.
Het is een vrije houding. Niet wat andere mensen allemaal doen is mijn norm. Niet wat andere
mensen allemaal denken bepaalt mijn gedrag. Maar wat ik zelf met God als mijn weg zie. Aan
de hand van de Vader, in het spoor van Jezus, onder leiding van de Geest.
Het is een radicale houding. Ik ben bereid om te kiezen, en voor mijn keuzen te staan, ook
als dat mij wat kost. Geld, omdat het goedkoopste vaak ook het minst duurzaam is. Tijd,
omdat bijvoorbeeld het scheiden van afval nu eenmaal meer tijd kost dan alles in één zak.
Minachting misschien, omdat je niet elke modehype volgt, maar soms een beetje achterloopt.
Het is een sociale houding. Ik ben bereid om te delen, met mensen die meer afhankelijk

zjin van hun leefomgeving en daardoor veel kwetsbaarder voor bijvoorbeeld
klimaatveranderingen.
Het is een biddende houding. Vader: mijn leven is voor U. Leer mij uw weg te gaan. Maak
gebruik van mijn leven voor uw Koninkrijk. Ontferm u over uw schepping. Geef mij wijsheid
en bereidheid om als nieuw mens te leven. En werk door aan het herstel van alle dingen.

Gods schepping heeft behoefte aan mensen met nieuwe hoop voor de schepping

Er is een prachtig joods verhaal. Een rabbi werkt samen met zijn zoon in de tuin. Het zweet
loopt ze over de rug. ‘Waren we nog maar in het paradijs’, zucht de jongen. ‘Moest Adam
ook zo hard werken?’ ‘Dat weet God alleen’, zegt de rabbi. ‘Maar wat denkt u ervan?’ vraagt
de jongen. ‘Ik denk dat Gods werk nog niet af was’, peinst de rabbi. ‘Het paradijs was een
speciaal aangelegde tuin. Adam moest die bewerken én bewaken. Het was dus nog niet klaar
en werd bovendien bedreigd.’ ‘En wanneer is Gods werk klaar’, vraagt de zoon verder. ‘Dat
weet God’, zegt de rabbi. ‘Maar één ding weet ik: Het helpt als jij en ik doorgaan met doen
wat we moeten doen.’ En hij bukt zich om opnieuw een stuk onkruid te wieden.

In een tijd waarin op veel plaatsen gesproken wordt van klimaatplannen,
duurzaamheidsbeleid, milieuregels, eco-taks, enz. belijden wij ons geloof in God de Schepper
van hemel en aarde. Ook onze God heeft een klimaatplan en een herstelbeleid. Dat gaat
niet uit van pessismistische scenario’s of optimistische prognose’s. Maar van christelijke
realiteit: De aarde is geschapen. Ten dienste van de mens. De gebrokenheid zorgt voor een
tegenwereld van dorens en distels, woestijnen en overstromingen. Maar er blijft toekomst.
Voor het herstel van alle dingen heeft Jezus Christus getekend. ‘Daar ligt de hoop voor de
schepping,’ schrijft Paulus. Alsof de schepping een persoon is, die hopen kan. In de schepping
ligt zelf ook weerstand tegen de vergankelijkheid en zinloosheid. Maar wel in de goede
volgorde: De bevrijding van de schepping uit de boeien van de vergankelijkheid komt pas als
al Gods kinderen in de vrijheid en glorie van God leven.

Nieuwe hoop voor de schepping. Dat geeft kleur aan alle natuurrampen die we meemaken
en de zorg die we hebben voor nieuwe problemen. Je mag het zien als ‘geboorteweeën’,
schrijft de apostel. Onvrijwillig, noodgedwongen, kreunend en zuchtend onder lijden,
onrecht, onvrede en onvruchtbaarheid. Maar met verlangen en uitzicht op een betere wereld.
Nieuwe hoop voor de schepping. Dat begint ermee, dat mensen hun roeping serieus nemen.
Geroepen om Gods kinderen te zijn. Laten natuurrampen en milieuproblemen je steeds weer
naar Christus drijven. Als het begin van de definitieve oplossing. De schepping wacht erop,
tot het geplande getal van Gods kinderen bereikt is. Zoals (volgens mij) Abraham Kupyer
zei: “Zelfs de kikkers in de sloot zijn blij als een zondaar zich bekeert.”
Nieuwe hoop voor de schepping. Dat maakt ook verantwoordelijk. Om zelf trouw te doen wat
we moeten doen. Niet wanhopig, niet gestressd, niet onverschillig. Maar serieus inzetbaar
voor de Schepper. Als is het maar onkruid wieden in je tuin. Of het gebruiken van een
spaarlamp in plaats van een gloeilamp. Wat een prachtige weg om Jezus te volgen. Het is
Gods schepping, waarin je leven mag. Om te genieten van genoeg, onder de indruk van Gods
creatieve wijsheid en gemotiveerd om te beheren wat Hij je heeft toevertrouwd. Waar dat
gebeurt, zorgt de boer goed voor zijn vee, zorgt de tuinder goed voor zijn planten, denkt de
klant na bij zijn boodschappen en kijkt een mens kritisch naar zijn levensstijl. Nieuwe mensen
in Jezus Christus. Goed voor mens en wereld.

Amen