| Romeinen 8:14-15 |
|
|
|
|
<!-- @page { margin: 2cm } P { margin-bottom: 0.21cm } --> Preek over Rom.8:14-15
Liturgie: Gz.167 Samen in de naam van Jezus Opw 343 Heilige Geest van God (versie Sela) 2x Opw.136 Abba Vader
Votum en groet Ps.63:1,2 Gebed Lezen: Rom.8:1-17 Spr.3:1-20 Ps.89:9,11 Preek: Rom.8:14-15 Ld.90:6,8 Lezen doopformulier Ld.14 De Heer is mijn herder Openbare geloofsbelijdenis Doop Ps.134 (melodie vs.1 en 2: Gz.95 melodie vs.3: Ps.134) Persoonlijk woord Geloofsbelijdenis Opw.462 Aan uw voeten, Heer Dankzegging en voorbede Collecte Opw.574 Groot is Hij Gz.108 Zegen
Noord 17.00 uur: Votum en groet Ps.63:1,2 Gebed Lezen: Rom.8:1-17 Spr.3:1-20 Ps.89:9,11 Preek: Rom.8:14-15 Ld.90:6,8 Geloofsbelijdenis Gz.102a:1,4 Dankzegging en voorbede Collecte Gz.108 Zegen
Preek 23 mei 2010. Capelle aan den IJssel. C.van Dusseldorp Lezen: Rom.8:1-17; Spr.3:1-20. Tekst: Rom.8:14-15. Openbare geloofsbelijdenis & doop.
Gemeente van Christus
** kind-van-God is een diep woord
Laatst was ik in een winkel, waar ik wel eens vaker kom. Ik word er altijd netjes geholpen. Het personeel is vriendelijk en deskundig. Ze nemen de tijd voor je vragen en geven ook ruimte als je even wilt kijken. Op een dag liep er een jongen rond die ik er nog niet eerder had gezien. Hij zal wel nieuw zijn, dacht ik, en ik verwachtte dat hij misschien wat zenuwachtig en onzeker zou zijn. Maar dat was niet zo. Integendeel, hij wist er nog meer vanaf dan de anderen en was voor iedereen vriendelijk. Toen hij bij een klant er niet uitkwam, ging hij het vragen achter de deur met het bordje 'privé'. Daar had ik anderen nog nooit in zien gaan. Toen hij mij hielp, vroeg ik hem: ‘Volgens mij bent u hier nieuw. En toch helpt u net zo gemakkelijk en vrij in de winkel. Hoe komt dat?’ ‘Tja,’ zei hij, ‘dit is de winkel van mijn vader. Ik weet precies hoe alles in elkaar zit. Later hoop ik de zaak van hem over te nemen.’
Het verschil tussen het personeel en de zoon van de baas is duidelijk. De zoon staat anders in de winkel dan iemand die in loondienst is. Dat is precies het verschil dat Paulus maakt tussen knechten en kinderen van God. Hij zegt: Wij zijn kinderen van Hem, die vrij en ontspannen in de wereld staan. Die zich zeker weten van de erfenis. Geen knechten die druk zijn, nooit privé zullen worden met de baas en nooit de zaak zullen overnemen. Soms noemt Paulus zichzelf wel eens knecht van God, of zelfs slaaf van God. Maar dat zegt hij als hij kijkt naar zichzelf, naar zijn werk, zijn inzet voor het evangelie. Maar vanuit God gezien zijn wij geen slaven maar kinderen van Hem.
Kind van God. Een Godskind. Bij die aanspraak moet je echt even stilstaan. Behalve dat je kind bent van een vader en een moeder hier op aarde, ben je ook een zoon of dochter van God. En zoals u misschien kinderen hebt hier op aarde, zo is er nog een Vader, die met dezelfde liefde en betrokkenheid omziet naar diezelfde kinderen, die ook zijn kinderen zijn. Kind van God, zo mogen we ons noemen. Want we mogen Hem aanspreken als Vader.
** kind van God ben je door de Heilige Geest
Wie noemt zichzelf een kind van God? Als ik dat op catechisatie vraag is de score bijna 100%. Zelfs de kleinste kinderen van de gemeente zeggen al ‘ja’ op de vraag of ze een kind van de Here zijn. Terecht. Kind van God. Dat zijn de gelovigen. En hun kinderen. Door God zo aangesproken. Dat is de verbondskant. Dat verbond heeft ook een binnenkant. De geloofskant. Of je ook beseft dat je kind van God bent. De diepe klank peilt en de rijkdom gebruikt. Dat krijg je niet van baby af aan mee. Het heeft te maken met bewust geloof. Ik ben een kind van God. Dat leer je zeggen door de Heilige Geest.
Zeven hoofdstukken heeft Paulus geschreven. Over het recht van God op mens en wereld. Over de zonde en de dood in deze wereld. Over het werk van Jezus Christus. Over de strijd die dat brengt in een gelovige. En nu komt hij aan zijn voorlopige conclusie. Wie gelooft in Jezus Christus, die leeft onder de Heilige Geest. En als Paulus daarover begint te praten, houdt hij niet meer op. Vol enthousiasme spreekt hij over de Geest van het leven. Hij schrijft dat we geleid worden door de Geest. Dat we gericht raken op wat de Geest wil: leven en vrede. Hij schrijft dat die Geest van God in ons woont. Het is de Geest voor en de Geest na. Paulus jubelt over de rijkdom daarvan: de Geest zorgt ervoor dat slaven van de zonde gaan leven als kinderen van God. Wie gelooft in de Here Jezus, deelt in zijn overwinning en gaat leven naar de Geest. Veertien keer noemt Paulus de Heilige Geest in dit gedeelte.
Vandaag vieren we Pinksteren: de uitstorting van de Heilige Geest lang geleden. Als Paulus begint te schrijven over de Heilige Geest, dan begint hij in het hart. ‘Allen die door de Geest van God worden geleid, zijn kinderen van God.’ En daarmee begint hij niet alleen in het hart van het werk van de Heilige Geest. Hij begint ook in ons hart. Daar begint de Geest van God zijn werk. Wij horen bij Christus. Kind van God. Door de Geest ga je leren wat het betekent. Levenslang mag je daarin groeien. De Geest is nodig voor de binnenkant van het verbond. De kant van geloof, van besef, van keuzen, van groei. De kant van de Heilige Geest.
** de Geest brengt vrijheid
In de praktijk op straat kun je verschil zien tussen iemand die gevangen is en iemand die vrij is. Datzelfde soort verschil verwacht je te zien tussen iemand die leeft naar de wet van de zonde en de dood en iemand die leeft naar de wet van de Geest van het leven. Dat is de tegenstelling die Paulus beschrijft. Het zou te merken moeten zijn of je Christus kent of niet. Dat geeft toch verschil in woorden en daden. In de manier waarop je je werk doet en hoe je met andere mensen omgaat. Toch zie je het vaak in de praktijk niet. Alles wat slecht is komt net zo goed onder christenen voor als onder niet-christenen. Ook voor gelovigen is het een blijvende strijd om de zonde te weerstaan. De strijd om het goede niet alleen te willen, maar ook te doen. Je lijdt daarin nederlagen en boekt overwinningen. Toch is het goed om even mee te gaan in de benadering van Paulus. Je mag leven in de vrijheid van Gods kind. Met opgeheven hoofd. Blij met wat er voor je klaarligt. Genietend van de ruimte om God en mensen te dienen.
Wie jarenlang gevangen heeft gezeten en plotseling wordt bevrijd, die is wel vrij, maar moet nog leren als vrij mens te leven. Zo leert de Heilige Geest ons leven als kind van God. We zijn aangenomen tot Gods kind. Maar we moeten blijvend leren wat dat praktisch betekent. Zeker waar onze leefwereld ons steeds vast probeert te zetten. De Geest leert ons leven als kinderen van God, wandelen als zonen en dochters van God. Zó vormt zich een christelijke levensstijl.
Deze benadering van Paulus geeft meer stimulans, dan als je voor je gedrag alleen let op wat zonde is. Vraag de Geest of Hij je de weg wil wijzen. Of Hij je wil leren leven naar Gods wil. Dan leer je niet alleen wat goed of fout is. Maar ook wat wijs of dwaas is. Wat verstandig of dom is. En hóe je het verkeerde vermijdt en je voor het goede gaat. De Geest leert ons in de vrijheid te leven. Als kind van God, als volgeling van Jezus Christus.
Die reisleider krijg je op je weg door het leven. Het is één van de voorrechten voor ieder kind van God persoonlijk. Je ontvangt de Heilige Geest. Door zijn aanwijzing leer je de juiste weg onderscheiden. Door zijn inzicht ga je genieten van de omgeving. Door zijn bescherming blijf je op de been. Zijn leiding is een voorrecht. De Geest brengt vrijheid.
** laat je daarvoor leiden door de Geest
Hoe laat ik mij leiden door de Geest? Dat is dan een belangrijke vraag. En het is ook een praktische vraag. Behalve eerlijk bidden om de leiding van de Geest, noem ik uit Spreuken twee antwoorden: luister naar het onderwijs van God en vertrouw met heel je hart op God. Zo stel je je open voor de Geest en leer je leven van je vrijheid.
Luister naar het onderwijs van God. Dat onderwijs komt in verschillende vormen naar ons. Door de bijbel, door preken in de kerk, door boeken, door gesprekken met andere gelovigen, maar ook door dingen die je meemaakt. Zo geeft de Heilige Geest al eeuwen leiding. Miljoenen mensen geven er gehoor aan. En hebben de Here Jezus leren kennen en leren liefhebben. God geeft echt onderwijs, ook voor concrete situaties. Zoek het op en luister er biddend naar.
En het tweede: vertrouw met heel je hart op God. Reken erop, dat Hij weet wat goed voor ons is. Grijp zijn beloften vast in de zekerheid dat Hij ze ook aan ons zal vervullen. Vertrouwen uit zich in gebed. Het gebed waarin je vraagt om de leiding en de vervulling van de Geest. Het gebed waarmee je ook de controle over je in zijn handen legt. Luisteren en vertrouwen, dat zijn de middelen waardoor we wijsheid krijgen. Waardoor je gaat inzien welke kant de Here je op wil hebben in je leven.
Wie een kind van God is, krijgt leiding van de Heilige Geest voor zijn leven. Maar zoals de Geest altijd werkt, zo werkt Hij ook hier: met inschakeling van je eigen mogelijkheden. Zonder dat je daardoor het gevoel krijgt dat je het toch zelf moet doen. Nee, de Geest geeft leiding. En jij hebt je in te zetten om die leiding te ontdekken en op te volgen. Dat is per persoon verschillend. Maar zo leren we allemaal stuk voor stuk steeds meer wat het is om te leven als een kind van God, om te wandelen naar de Geest. Om te leven in de vrijheid van Christus. Wie daartoe bereid is, leeft anders dan iemand, die de Geest van Christus niet heeft.
** zijn leiding brengt je steeds bij Christus
Een goede voetballer krijgt persoonlijke, professionele begeleiding. Een personal coach, een zaakwaarnemer, een advocaat, een medisch en para-medisch team. Maar het zijn er maar een paar voor wie dat is weggelegd. De meeste voetballers zijn niet goed genoeg. Een kind van God krijgt persoonlijke, professionele begeleiding van de Heilige Geest. Maar ben ik wel een goed kind van God? Kom ik voor die begeleiding wel in aanmerking? Ik ken mijn twijfels en onzekerheden. Ik weet mijn zwakten en slechte gewoonten. Ik besef mijn tekorten en fouten. Hoezo zou Gods Geest zich aan mij verbinden?
Ik vind dit een mooie vraag en hoop eigenlijk ook dat je die stelt. Omdat je daarmee aangeeft dat jij inderdaad niet zelf recht hebt op die Geest van God. Je bent niet goed genoeg, dus probeer het ook niet te worden. Er is maar één weg: je krijgt Gods Geest als je je op de naam van Jezus laat zetten. En zo in Gods gezin wordt opgenomen.
Paulus gebruikt het beeld van adoptie. Geadopteerde kinderen zijn in ons land vaak buitenlandse kinderen. Geboren in Colombia, of in India. In Israël vroeger bestond adoptie niet. Bij de Romeinen wel. Hooggeplaatste mensen adopteerden de meest intelligente kinderen, om die onder hun naam op een goede positie in de maatschappij te krijgen. De opvolger van de keizer was bijvoorbeeld vrijwel altijd een geadopteerde zoon.
Wij zijn aangenomen tot Godskind. Daar ligt het geheim. Wij zijn kind geworden, in plaats van slaaf van God. Daartussen ligt de bevrijding van Jezus Christus, die in Gods gezin onze broer is geworden. Ieder die bij Christus wil horen, die krijgt de persoonlijke, professionele begeleiding van de Heilige Geest. Want je bent in Christus, zegt Paulus. Wij zijn in Christus. En daarom ben je dood voor de zonde. In zijn dood ondergedompeld. Om met Hem op te staan in een nieuw leven. We zitten aan Hem vastgelijmd. Wij zijn in Christus, schrijft Paulus. Alsof we in een bus zitten, die vele mensen met zich meeneemt. Valt de bus, dan vallen alle mensen. Rijdt de bus door, dan rijden alle mensen mee. Door het geloof hoor je bij Christus. Daarop is de leiding van de Geest gericht. Hij brengt je bij Christus. En in Christus. Dat kost je alles. En in Hem ontvang je alles.
** in Christus ligt ook de rust en zekerheid van het kindschap
Het klinkt misschien wat vaag. En wat groot. Bevrijding van de angst. Aangenomen tot kind van God. Maar het is tegelijk ook zó praktisch. Een kind heeft een andere plek dan een slaaf. En kinderlijk vertrouwen staat tegenover onzekere bangheid. Met al onze twijfels, zwakke kanten en fouten schuilen we bij Christus. En worden we opgenomen in Gods gezin. En daarmee wijkt alle onzekerheid. En alle krampachtigheid. Want de rust en de ruimte liggen buiten jezelf. Hij heeft gedaan, wat wij niet meer hoeven te doen. Al die problemen van zonde, wet en dood kunnen die Adoptie niet in de weg staan. Paulus eindigt met een jubel: ‘Niets kan ons scheiden van de liefde van God in Jezus Christus.’
Bevrijd in Christus. Kind van de Vader. Dat geeft echte ruimte. Het betekent echte vrijheid. Geen slavernij, geen angst, maar de rust van een kind in een veilig gezin. Daarom zeker van de leiding van de Geest. Dat betekent niet dat je als christen onder een slavenjuk van regeltjes en verplichtingen komt. Leven als een kind van God betekent niet een krampachtig omgaan met de geboden en verboden van God. Vrijheid en blijheid typeren het leven door de Geest, naar de woorden van Paulus. Ik weet wel, dat je met zo'n uitspraak moet oppassen. Je kunt die vrijheid ook misbruiken. Maar als het gaat over bevrijding, moet ook duidelijk zijn dat het om echte bevrijding gaat. En het is de ruimte en rust waarin je als een zoon of dochter leeft in je eigen huis.
In de praktijk valt het niet eenvoudig, om die vrijheid, blijheid en rust ook echt te ervaren. Je raakt het snel kwijt. Door jezelf, door je omgeving. We kunnen zelfs elkaar daarin fors belemmeren. Elkaar regels opleggen, of teveel van elkaar verwachten, of maar moeizaam accepteren als iemand andere keuzen maakt. Daardoor wordt de ruimte bekrompen en wordt het leven krampachtig. En de ruime adem die een zoon of dochter van God mag hebben, verdwijnt snel. Kijk dan weer naar Christus. En laat je leiden door zijn Geest. Door die Geest leer je ook steeds meer kind van God worden.
** de Geest leert bidden als een kind
Die zoon van de eigenaar had nog iets, wat het personeel niet had. Hij mocht door de deur met ‘privé’ erop. Een kind mag zijn vader erbij roepen. Dat leert de Heilige Geest als een van de eerste dingen: dat wij God als Vader mogen aanroepen. Een kind van de Here zijn is prachtig. Als kind van de Here leven is belangrijk. Maar als kind met Vader omgaan is het hoogtepunt. Wanneer gebrekkige, onzekere, zwakke, zondige mensen God aanroepen als: mijn Vader, dan houden de engelen in de hemel zich stil en buigt de Vader zich vol ontferming voorover om te luisteren. Dat hoort Hij graag: het Abba Vader uit de mond van een mens. Zo flonkert het kindschap Gods. Daar heeft Jezus Christus het voor gedaan. Ons weer in contact met God brengen. Een vertrouwensband leggen. Abba, Vader. Dat zeg je in deze wereld maar tegen twee personen: je eigen vader op aarde. En je Vader in de hemel. Het is een woord vol vertrouwelijkheid.
Ten onrechte denken sommigen dat Abba zoveel betekent als pappa, een woord uit de kindertaal. Abba betekent gewoon Vader, maar dan in het Aramees, de taal die de joden toendertijd spraken. Waarom Paulus dit met twee woorden opschrijft? Ik denk vooral, omdat Jezus zijn Vader met Abba heeft aangesproken. De Geest zet ons, aangenomen zonen en dochters op hetzelfde nivo als de eniggeboren Zoon van God. Ook wij mogen Vader zeggen tegen zijn Vader. Zelf heeft Jezus het zijn discipelen op de lippen gelegd: onze Vader in de hemel.
Abba Vader, ook wij mogen het zeggen. Bidden als een kind. Vol vertrouwen op Gods genade en barmhartigheid. Roepen als een kind. In de grootste nood, in het grootste enthousiasme. In alle omstandigheden. Met alles wat wij Hem zeggen willen. Denk aan Hem bij alles wat je doet, zo lazen we in Spr3. Abba Vader. Je moet het steeds meer leren. Vol vertrouwen en heel persoonlijk. Door de Geest mogen we leven in de nabijheid van God. Hier in deze wereld. Jij zoals je bent. Vandaag zoals je leeft. Daarmee maakt Paulus zijn lange betoog rond. Mensen missen uit zichzelf de nabijheid van God. Door de Geest van Christus komen ze weer terug in de aanwezigheid en de heerlijkheid van God.
Gewoon in het dagelijks leven. Daar leef je met een Vader in de hemel. Die je kunt aanroepen. Om te danken en te loven voor wie Hij is. Om Hem erbij te roepen wanneer je in de moeite komt. Want je bent in Christus, wanneer je je aan Hem geeft. Bij dat biddend leven begint de Heilige Geest zijn persoonlijke, professionele begeleiding. Want biddend leer je vertrouwen en dienstbaarheid. Biddent ontvang je vrede en wijsheid. En zo vormt zich je leven. In Gods aanwezigheid. En ga je al meer leven als kind van God.
Bid en blijf bidden. Aan het begin en het einde van een dag, voor een gesprek, of een beslissing, aan het begin van een maaltijd, of zomaar zonder bijzondere aanleiding. Abba Vader. Ook als het vertrouwen is aangetast. Als de rust is verstoord. Als de vrijheid is ingeperkt. Abba Vader! Breng mij weer terug bij Christus. Door uw Geest. En leer mij steeds opnieuw leven in uw vrijheid en liefde. Ik roep u aan: Abba Vader.
Amen.
|
- .
- .
- .
Geschiedenis van onze gemeente

Voorgeschiedenis Het drassige land in deze streken is vanaf... Lees meer




